Feeds:
Berichten
Reacties

Scène uit Don Carlos van Verdi


Als de gelegenheid zich voordeed om een operavoorstelling bij te wonen van Verdi’s meesterwerk Don Carlos dan was ik daar altijd voor te porren. Nu nog heb ik vooral goede herinneringen aan een uitvoering in december 2004 van de Nederlandse Opera. De regie en de cast waarin Villazon in Nederland zijn debuut maakte was van een uitstekend gehalte. Deze maand kreeg ik de kans om de opera opnieuw te zien. En notabene nog wel de volledige versie van 1867. Geschreven in de Franse taal en meer dan vier uur durend. Verdi componeerde zijn opera speciaal voor Parijs. Een grand opéra dus in vijf bedrijven met de voor de Fransen zo noodzakelijke balletten. Waar gaat deze opera over? Jawel al weer over een onbeantwoorde liefde. Don Carlos de zoon van de Spaanse koning Philips II is verloofd met de Franse prinses Elisabeth de Vallois. Hun huwelijk gaat niet door omdat Philips om politieke redenen wil huwen met de Franse prinses. Deze onverwachte wending leidt tot onverkwikkelijke situaties en verschrikkelijke eenzaamheid van alle protagonisten. Verdi heeft het libretto van Méry en du Locle naar een toneelstuk van Schiller zo schitterend op muziek gezet dat dit werk met Othello tot een van mijn meest geliefde opera’s van zijn oeuvre behoort. De uitvoering van deze productie in Antwerpen was al voorafgegaan door optredens in Hamburg, Wenen en Barcelona. Regisseur Peter Konwitschny had het podium veranderd in een grote witte schoenendoos waarvan de ruimte goed werd benut in de scènes wanneer veel ‘volk’ op het podium stond. Over dat volk alias het koor niets dan lof . Dat gold ook voor het orkest dat met vaste hand werd geleid door dirigent Alexander Joèl. De titelrol was weggelegd voor Jean-Pierre Furlan. Zijn stem klonk wat nasaal maar na verloop van tijd raakte ik daaraan gewend. Deze tenor acteerde goed en kwam in zijn hoofdrol zeer geloofwaardig over. De overige protagonisten waren het aanhoren meer dan waard. Elisabeth de Valois vertolkt door de sopraan Susanna Branchini en de mezzo prinses Eboli door Mariana Tarasova deden het prima. Spannend als altijd was de ontmoeting van de twee bassen. Koning Philips (Jaco Huijpen) en de Le Grand Inquisiteur (Francesco Ellero d’Artegna). Zij stonden garant voor een boeiende scène waarin duidelijk werd dat de macht van de kerk soms verder reikt dan die van de staat. Dario Solari vertolkte de rol van de Marquis de Posa. Hij was de trouwe vriend van Don Carlos maar ook lange tijd loyaal aan de Spaanse koning. Een lastige rol die met wisselend succes werd ingevuld. Peter Konwitschny toonde tijdens het spelen van balletmuziek een intermezzo genaamd ‘de droom van prinses Eboli.’ Met haar man Don Carlos ontving zij haar schoonouders Philips II en Elisabeth voor een pizzafuif. Wat mij betreft was een coupure op zijn plaats geweest. Deze scène voegde niets positiefs toe aan het geheel en deed zelfs afbreuk aan de dramatiek van het totale werk. Ik kreeg even de indruk dat ik verzeild raakte in het Theater van de lach.
Dè vondst van de voorstelling was wel dat Konwitschny het publiek op ludieke wijze betrok bij de ceremonie van de ketterverbranding. Terwijl de toeschouwers nog hun pauzewandelingetje maakte met een glas in de hand, verwelkomden bazuinblazers Philips en Elisabeth en hun gevolg in het portaal van het operagebouw. Zij kregen van het orkest en koor bij hun binnenkomst in de zaal een ovationele muzikale hulde. Ondertussen renden beulen enkele ketters achterna tussen de stoelen van de parterre. Het ging er niet zachtzinnig aan toe. Het publiek werd volkomen verrast. Tijdens de auto da fé projecteerde men op de achterzijde van het podium beelden die toonden hoe Joden gedurende de tweede wereldoorlog werden opgepakt en van balkons werden afgegooid. Hier bleek het sociale engagement van Peter Konwitschny. Hij is een regisseur die ook wel eens genoegen moet nemen met boe geroep. Nu in ieder geval niet.
Samenvattend stel ik vast dat het zeer de moeite waard is om deze opera te gaan zien. De Vlaamse opera geeft u de gelegenheid tot zaterdag 13 maart. P.A.

Placido Domingo

Op 16 januari zag ik in het filmhuis Metropolis in Antwerpen de opera Carmen. Vier zalen waren toen uitverkocht. Gisteren, 6 februari, was ik er weer. Nu voor Verdi’s drama Simon Boccanegra. ‘Slechts’ twee zalen waren nagenoeg uitverkocht. Is Bizets Carmen voor de toeschouwers interessanter dan Verdis Boccanegra? Vermoedelijk. Carmen kent wel dramatische aria’s en ensembles maar ook goed in het gehoor liggende en wat lichtvoetiger tussenspel en balletscènes. Die laatsten maken het geheel wat minder zwaar dan Simon Boccanegra, dat een groot drama is. Trouwens het operavolk van Venetië toonde zich bij de première op 12 maart 1857 ook niet zo enthousiast. De omslag kwam pas 24 jaar later toen Verdi in samenwerking met de componist Boïto voor een tweede versie zorgde. Deze oogstte wel succes.
Een aanrader: Voordat je naar Simon Boccanegra gaat is het van groot belang om de synopsis goed te lezen. Voor mij was het al 10 jaar geleden dat ik het werk voor het laatst op dvd zag en ik had moeite om de verhaallijn goed te volgen. De uitvoering, gestraald vanuit de Metropolitan in New York, zag er imposant uit. De mise en scène is nog dezelfde als die van de bestaande dvd uit 1995 en is niet door progressieve regisseurs aangetast. Het werk is als men geconcentreerd luistert muzikaal zeer interessant. Vooral wanneer zangers als Domingo en Morris, die de pensioengerechtigde leeftijd aardig benaderen, van de partij zijn. Wat zongen deze twee ‘oudjes’ nog fris. Domingo, in het verleden de tenorrol zingend van Gabrielle Adorno, zong nu de titel- en baritonrol van Simon Boccanegra. Dat was wel even wennen. Zeker, Placido deed het weer fantastisch en zong de rol van de doge zeer overtuigend, maar vooral zijn acteertalent reikte weer tot grote hoogte. Toch kan ik niet ontkennen dat ik de cd opnamen uit 1977 en 1986 met Piero Cappucilli als Boccanegra prefereer boven het baritonexperiment van Domingo. Cappucilli toont zich een meer brede Verdibariton met de daarbij behorende klankkleur. Maar wie daarover zeurt doet aan de totale prestatie van Domingo ten onrechte afbreuk. In de betreffende cd opname van 1986 is Placido Domingo met zijn machtige stem te bewonderen als Gabriele Adorno. Nu zag en hoorde ik in Antwerpen een uitstekend zingende Marcello Fiordano in dezelfde rol.
Rond 1990 maakte ik voor het eerst kennis met de fantastische baritonstem van James Morris als Wotan in die Walküre van Richard Wagner. Het leek wel of zijn stem sindsdien onaangetast is gebleven. Gisteravond zong hij de rol van Jacopo Fiesco, die niet met Simon Boccanegra op goede voet staat, op indrukwekkende wijze. Ook de voor mij onbekende sopraan Adrianne Pieczonka was een verrassing. Zij bezit een open, heldere, dramatische stem. Als enige vrouwelijke soliste moest zij optornen tegen het mannengeweld. Dat deed ze met succes. Ik ga haar meer in de gaten houden.
Het orkest van de Metropolitan speelde uitstekend onder de steeds meer uitdijende James Levine wiens zitplaats op de bok stilaan te smal wordt. Zijn slag met de baton is er niet minder pittig om. Wat heeft deze man een energie. Hij is al meer dan dertig jaar verbonden aan de Metropolitan. Van dit operahuis mag je niet direct verwachten dat men een progressieve regisseur aantrekt. De decors en kostuums van Michael Scott zagen er imposant uit. De toeschouwers die in de pauze in de zaal bleven zullen zeker onder de indruk zijn geweest van de wijze waarop de decorwisseling met behulp van veel techniek en ongeveer dertig man in een rap tempo werd uitgevoerd. Ook bleek dat Renée Flemming niet alleen uitstekend kan zingen maar ook haar interviews met de hoofdrolspelers en de aanwezige Nieuw Zeelandse sopraan Kiri te Kanawa zeer charmant kan afnemen. Samenvattende conclusie: Een zware, dramatische Verdi opera waarvan men blij wordt door de pracht van de uitvoering.

Op 27 maart 2010 wordt in de Pathé theaters en in het theater van Cinemec BV te Ede de opera Hamlet van Ambroise Thomas getoond. In de hoofdrollen zingen dan: Nataly Dessay, Simon Keenlyside en Jennifer Larmore.
Op 1 mei 2010 kunt u Armina van Rossini zien met Renée Flemming en Bruce Ford in de hoofdrollen. Kijk voor nadere informatie op de website van Pathé: www.pathe.nl. P.A.

Patrizia Ciofi, grote ster in Luik

De afgelopen week zag ik drie opera’s die meer dan de moeite waard zijn. Op dinsdag 23 januari genoot ik van het door Arte uitgezonden meesterwerk van Jules |Massenet: Werther. Twee dagen later van een dvd van Cherubini’s Medea en afgelopen zondag in Luik van I Capuleti e i Montecchi van Vincenzo Bellini. Drie werken met een eigen signatuur.

Werther
Om met Werther te beginnen, hierbij poneer ik de stelling dat er nauwelijks een operaliefhebber is of was bij wie dit werk geen gevoelige snaar raakt. Dit drama gaat over een onbeantwoorde liefde met een tragische afloop waarbij de man Werther zelfmoord pleegt met de pistolen die zijn geliefde Charlotte hem aanreikt. Kan iemand nog iets wat erger is overkomen? Deze opera laat ook zien waartoe het extreme plichtsgevoel van Charlotte leidt. In plaats van te huwen met Werther die zij liefheeft, trouwt ze omwille van een belofte aan haar moeder met een zekere Albert.
De productie op Arte was afkomstig uit Londen (2004) en werd in de opera |Bastille in Parijs gespeeld op 22 januari van dit jaar. De hoofdrollen werden op bewonderenswaardige wijze vertolkt door de steeds meer furore makende Jonas Kaufmann als Werther en de bijna gelijkwaardige Sophie Koch als Charlotte. Net als in 2004 toen in het Théatre de Chatelet in Parijs een concertante Werther werd opgevoerd met het duo Thomas Hampson en Susan Graham, stond de dirigent Michel Plasson op de bok. Als geen ander kent hij het werk van de Franse componist. Met oog voor detail sleept hij de kijkers mee in de stroom van gevoelens. Interessant is dat Hampsom de bariton-versie van deze opera zingt en Kaufmann de tenor versie. Beiden doen dat op indrukwekkende wijze. Susan Graham speelde en zong de Charlotte rol semi-scenisch verrukkelijk. Van dit concert bestaat een dvd opname op het label Vergin Classics. Op een dvd van de jongste versie zullen we nog wel even moeten wachten. Jammer, want beide uitvoeringen lenen zich, afgezien van de toneelbeelden, voor vergelijking.

Medea
De opera Medea van de in 1760 in Florence geboren componist Cherubini zag ik op dvd. Ik was blij dat ik ermee kennis maakte omdat het een zelden uitgevoerd werk is dat toch echt de moeite waard is. Kennelijk was dat niet het geval met de 28 andere opera’s van zijn hand want die worden nooit uitgevoerd. Maria Callas bracht Medea weer tot leven in de Scala van Milaan in 1953. Al was de uitvoering een groot succes, toch kreeg deze opera in de 20e eeuw geen vaste plaats in het opera repertoire. De kwaliteit van de uitvoering valt en staat mijn inziens met de prestatie van de hoofdfiguur Medea. De protagonist die deze rol invult staat bijna twee uur op het podium en dient behalve over een grote dramatische stem ook over voldoende uithoudingsvermogen te beschikken. De Medea die ik zag, Denia Mazzola Gavazzeni, had die eigenschappen. In haar rol zaten geen versieringen. Bij de andere solisten natuurlijk ook niet want deze de opera staat immers ver af van het belcantogenre. Gavazzeni beeldde de rol van Medea uit in de vele verschillende emotionele stadia die dit werk kent. Ze moest noodgedwongen Jason haar echtgenoot verlaten voor haar rivale Glauce die zij wat later vermoordt. En om haar haatgevoelens jegens haar ex-echtgenoot Jason tot uitdrukking te brengen, vermoordt zij haar twee kinderen, daarmee voorkomend dat Jason nog van hen kan genieten. Aan emoties geen gebrek. Helaas weinig momenten van liefde en veel haatgevoelens. Een voor mij opvallende rol speelde Elisabette Scano de slavin van Medea genaamd Neris. Scano is een prachtig zingende mezzosopraan die getuigt trouw te willen blijven aan de kwaadaardige Medea. Eric Hull leidde de voorstelling in goede banen. Wanneer u de kans krijgt om Medea te zien grijp hem dan tenzij u zich niet opgewassen voelt tegen zoveel dramatiek.

I Capuleti e i Montecchi.
Zondag 28 januari. Met de Stichting Operaclub Nederland vertrokken mijn vrouw en ik om 12.00 uur naar Luik voor het bijwonen van I Capuleti e i Montecchi. Een besneeuwd landschap en vriendelijke mensen in de bus zorgden voor een aangename sfeer. Omdat in Luik het operagebouw werd verbouwd was een grote tent opgesteld om het operabedrijf toch de kans te geven om haar programma ten uitvoer te brengen. Dat lukte wonderwel al moet ik toegeven dat de vermenging van het geluid van de stemmen met dat van de verwarminginstallatie mij verhinderde optimaal te kunnen genieten van deze belcanto-opera. Na de pauze zat ik op een andere stoel waar die luisterhandicap was gereduceerd tot bijna nul. In muzikaal opzicht bracht het Italiaanse operagezelschap wat men van haar mocht verwachten. De stemmen waren uitstekend. De beroemde sopraan Patrizia Ciofo was de favoriet van de toeschouwers. Zij oogstte terecht het meeste applaus als Juliette en haar vertolking met de vele versieringen deed denken aan Joan Sutherland. De Romeo rol, een broekenrol, nam de mezzosopraan Laura Polverelli met grote overtuigingskracht voor haar rekening. Ook Aldo Caputo als, Tebaldo, Lucianano Montanaro als Frate |Lorenzo en Maurizio Lo Piccolo als Capellio kweten zich goed van hun taak. De stemmen klonken goed in de tent. Het orkest van Opera Royal de Wallonie speelde aanvankelijk wat aan de harde kant maar nam terecht daarna wat gas terug. Een compliment dient uit te gaan naar de beeldregie. Speelden de protagonisten nogal statisch hun rol, het toneelbeeld zag er toch zeer wisselend uit. Het werd voortdurend aangepast aan de verschillende situaties met behulp van videobeelden geprojecteerd op doorzichtige gordijnen. Men ziet dat licht en video regie in steeds meer theaters met succes wordt toegepast. En dan te bedenken dat in de tijd van Verdi en Wagner podium en zaalverlichting bestond uit kaarsen of een gaslantaarn. De eerste experimenten met licht op het podium zijn afkomstig van Wieland Wagner, de kleinzoon van Richard Wagner. Dan spreken we wel over de jaren vijftig van de vorige eeuw. Het operafestijn in Luik werd afgesloten in een gezellig Italiaans restaurant. Rond het middernachtelijke uur waren we weer thuis. Prima dag. P.A.

Uitvoeringen

In de Pathé theaters, o.a. in Eindhoven en Antwerpen, worden tijdens dit seizoen nog de volgende opera’s vanuit de Metropolitan te New York getoond:
Zaterdag 6 februari Simon Boccanegra van Giuseppe Verdi met in de hoofdrollen Placido Domingo, James Morris en Adriana Picizonka.
Op Zaterdag 27 maart Hamlet van de componist Ambroise Thomas. In de hoofdrollen Natalie Dessay, James Morris en Jennifer Larmore.
Op zaterdag 5 mei Armida van Gioacchino Rossini met in de hoofdrollen Renée Flemming, Mary Zimmerman en Bruce Ford.

Ander opera nieuws.
In het Muziektheater in Amsterdam wordt van 1 tot en met 28 februari de opera Der fliegende Holländer van Richard Wagner opgevoerd met een topbezetting. Robert Lloyd als Daland, Catharina Nagelststad als Senta. Dirigent is Hartmut Haenchen.

In de Vlaamse Opera in Antwerpen kan men van 12 februari tot en met 13 maart terecht voor de Grand Opéra Don Carlos van Giuseppe Verdi.

Roberto Alagna een beste Don Jose

Op Zaterdag 16 januari woonde ik in de bioscoop Kinepolis in Antwerpen een voorstelling bij van Carmen van de Franse componist Bizet. De opera werd die dag via een satelliet gestraald naar een groot aantal theaters in Europa. En met succes. Alleen al in Antwerpen waren vier grote zalen nagenoeg uitverkocht. Het was werkelijk de moeite waard. Regisseur Richard Eyre en Rob Howell die verantwoordelijk was voor de decors en de kleding zorgden voor een onvervalste Spaanse sfeer. De muzikale leiding was in handen van de dirigent van het Rotterdams Philharmonisch orkest Yanninck Nézet-séguin. Hij liet de zangers in hun waarde en vergastte de toehoorders op een uitstekend gespeelde ouverture en zo nodig op genuanceerd vuurwerk tijdens de balletten. De hoofdrol zou gezongen worden door de sopraan Angela Gheorghiu. Dat ging echter niet door omdat de Roemeense niet op het podium wilde staan met Roberto Alagna van wie ze pas was gescheiden. Haar vervangster was de Letlandse mezzosopraan Elina Garanca. Daar hoefde men geen spijt van te hebben. Elina speelde haar rol met veel passie zoals men van een Carmen mag verwachten. Ze zong met haar rijke stem prachtig en met veel nuances. Ook als dansende Carmen kwam ze in de voorkomende balletscènes uitstekend voor de dag. De tenor Roberto Alagna deed het als Don José ook voortreffelijk al gleed hij muzikaal eenmaal bijna uit toen hij een van de slottonen van de prachtige aria ‘la fleur que tu m’avais jetée’ net niet miste. De rol van Micaëla werd gezongen door de Italiaanse sopraan Barbara Frittoli. Beslist niet slecht, maar ik had toch liever nog wat meer tederheid in haar stem gehoord. Mariuz Kwiecien zong in de première op oudejaarsdag de rol van de Spaanse stierenvechter Escamillo, Nu was hij er wegens ziekte niet bij en werd door de soepel zingende bas Teddy Tahu Rhodes uit Nieuw Zeeland vervangen, die daarmee tevens debuteerde in de MET. Deze uitvoering bewees dat mensen die een opera op topniveau willen horen en zien in een bioscoop, die voorzien is van een groot scherm en uitstekende kwaliteit geluidsboxen, aan hun trekken kunnen komen. Voor de toeschouwers werd de aantrekkelijkheid van de voorstelling vergroot door in de pauze de snelle opbouw van decors voor een volgende acte te tonen. Ook de interviews van Renée Flemming met de hoofdrolspelers werd door de meeste mensen in dank geaccepteerd. P.A.

Rolando Villazon en Anna Netrebko

20 dec 2009: Ercole Amante.
Aanstaande zondag 20 december zendt de televisie op Nederland 2 om 13.00 uur op tv een registratie uit van de opera Ercole Amante van de componist Francesco Cavalli (1602-1676). Hij componeerde dit werk ter gelegenheid van het huwelijk tussen Lodewijk XIV en zijn Spaanse kindsbruidje. Aanvang 12.30 uur.

25 dec: La Bohème
De televisiezender BBC 2 toont op eerste kerstdag om 17.10 uur een film van Dornhelm: La Bohème van Puccini. In de hoofdrollen treft u aan Anna Netrebko en Rolando Villazon.

27 dec 2009: I Puritani van Vincenzo Bellini (1801-1831)
Op zondag 27 december om 13.00 uur wordt op Nederland 2 een registratie van de in januari 2009 uitgevoerde opera in het Muziektheater van Amsterdam uitgezonden. Liefhebbers van belcanto komen ruimschoots aan hun trekken.

28 dec 2009: Portret van Jean Baptiste Lully (1632-1681)
Opera liefhebbers kunnen op 28 december om 23.15 uur op de televisiezender Arte een portret zien van Lully, de in Italië geboren barokke componist en schepper van de Franse opera.

1 jan 2010.
De muziekzender Mezzo zendt op 1 januari om 20.30 uur een optreden uit van de sopraan Renée Flemming en de bariton Dimitri Hvorostovsky.

1 jan 2010: Nieuwjaarsconcert in Venetië.
Op nieuwjaarsdag zendt televisiezender Arte een nieuwjaarsconcert uit waarin o.a. optreden de sopraan Catarina Antonacci en de tenor Francesco Meli. Aanvang 12.30 uur. Herhaling om19.00 uur.

Orkest koninklijk concertgebouw

Op 14 december publiceerde het dagblad de Vólkskrant een recensie over de in het concertgebouw van Amsterdam uitgevoerde opera Willem Tell van Rossini. De kop van het artikel deed vermoeden dat het een fantastische concertante uitvoering betrof. Twee deelnemers van de cursus Operabeleven deelden die mening, want een van hen schreef me:’Het was in een woord geweldig. Een goed spelend orkest en een mooi koor. Prachtige solisten. Mooie arias’s enz…..We hebben enorm genoten. Om 12.00 uur was de aanvang en om 16.30 uur stonden we pas weer buiten Het publiek was dol enthousiast.’ Volgens de Volkskrant is het ondenkbaar níet thuis te blijven voor de Radio 4-uitzending van deze voorstelling op zaterdag 5 januari.

Scène uit Don Carlos in Amsterdam

In december 2004 zag ik een uitvoering van Don Carlos van Verdi in het Muziektheater in Amsterdam. Afgelopen zondag kreeg ik opnieuw de kans voor een herbeleving omdat de opera werd uitgezonden op de Nederlandse televisie. De voorstelling was er een om niet te vergeten en was van een zeer hoogniveau. Hij stond onder leiding van de Italiaanse dirigent Chailly die met deze voorstelling afscheid nam van het schitterend spelende Koninklijk Concertgebouw orkest. Het slotapplaus was zeker goed aan hem besteed. Een ander interessant facet was het optreden van de huidige sterzanger, de tenor Rolando Villazon als Don Carlos. Hij maakte daarmee een indrukwekkend debuut in Nederland. Zijn acteertalent en zijn volumineuze stem bleek voor velen een aangename verrassing. De pers riep hem al vroegtijdig uit tot de nieuwe Placido Domingo. Het werk van Verdi gaf Villazon in ieder geval ruimschoots de gelegenheid zijn kunnen te tonen.
In 1867 vond de première van Don Carlos in Parijs plaats. Verdi had het werk voor de Franse hoofdstad geschreven. Een Italiaanse versie verscheen in 1886. Deze Grand Opera staat in het teken van twee conflicten. De ene tussen de Spaanse koning Philips II en zijn zoon Carlos die zijn verloofde Elisabeth de Vallois, vertolkt door Amanda Roocroft, kwijt raakte aan zijn vader die om politieke redenen met haar huwde. Het andere conflict betrof de machtstrijd tussen de staat en de kerk waarin de koning erkent dat de kroon uiteindelijk moet buigen voor het altaar. De twee bassen Robert Lloyd als Philips II en Jaako Ryhänen als de grootinquisiteur staan tijdens hun spannende en sinistere dialoog lijnrecht tegenover elkaar. Het is één van de vele hoogtepunten van deze prachtige opera die veel aangrijpende scènes bevat en door Verdi voorzien zijn van schitterende melodieën, solozang en ensembles. Centraal staan in dit omvangrijke werk natuurlijk Don Carlos, koning Philips II en Rodrigo, de markies van Posa. Vooral deze laatste heeft een intrigerende rol omdat hij zowel een vriend is van Carlos als van diens vader. De bariton Dwayne Croft bleek een uistekende Rodrigo De opera Don Carlos neemt in de ontwikkeling van Verdi een prominente plaats in. Vergelijk maar eens de orkestratie van zijn eerste opera´s, zoals Oberto, Atilla, Ernani met die van dit werk. Een verbluffende vooruitgang! Een van de vele hoogtepunten is het autodafe. Het is een oud ritueel, onder meer bestaande uit een openbare processie, waarbij ketters en afvalligen van het katholieke geloof door de inquisitie werden veroordeeld en vervolgens overgedragen aan de wereldlijke macht die het vonnis uitvoerde. Voor koorzangers een schitterende gelegenheid om zich tijdens deze grote scène te onderscheiden.
Don Carlos is een familiegeschiedenis die gaat over een tragische liefde tussen Carlos en Elisabeth de Valois die niet mocht bestaan en daardoor voor alle betrokkenen een kwelling is. Ook prinses Eboli leed aan een onbeantwoorde liefde voor Carlos en haar rol werd vertolkt door de prachtig zingende Violete Urmana. Onbeantwoorde liefdes en de strijd tussen kerk en staat, vormen de kern van deze grootse historische opera. Een dvd van deze uitvoering is in de handel verkrijgbaar.

Jonas Kaufmann

In die mate kom ik het maar zelden tegen. Wat dan? Gemopper en enthousiasme over maar liefst drie opera’s die ik de afgelopen week zag. Ik heb het dan over Salomé van Richard Strauss in het Muziektheater in Amsterdam (5 december), de tv uitzending van Ada van Verdi via de NPS (6 december) en tenslotte Carmen van Bizet (7 december) via tv zender Arte. Mensen vertelden me dat zij al na een kwartier de televisie-uitzendingen de rug toe keerden. Die operaliefhebbers kun je natuurlijk niet au serieux nemen want om van een opera te genieten en daar ook nog een oordeel over te geven ook heb je behalve zitvlees ook nog eens een paar uur nodig.
Salomé
Hoewel….Salomé was binnen twee uur al weer voorbij. Na afloop was er sprake van mondjesmaat boe geroep. Voor wie dat bestemd was laat zich raden. Natuurlijk voor regisseur Peter Konwitschny die zich de woede van een aantal mensen op de hals haalde door de opera als vaartuig te gebruiken voor zijn eigen ideeën. Best begrijpelijk. Hij zette het libretto bijna op zijn kop. Nararabath pleegt in zijn versie geen zelfmoord, Jochanaan gaat niet dood en Salomé evenmin. Bij de finale vormen de doper en het verwende koningskind zelfs een liefdeskoppel. Om het hoe en waarom te verklaren heeft het overigens uitstekende blad Odeon twee pagina’s nodig. Wie namelijk onvoorbereid naar deze opera komt of slechts de synopsis kent weet niet wat hij meemaakt. Vermoedelijk grote verwarring! Daar komt nog bij dat de toneelbeelden door de zeer heftige perverse scènes de aandacht voor de muziek verstoren. Men moet nogal wat in zijn mars hebben om, naast deze toneelbeelden en de boventiteling, voldoende te kunnen genieten van de solisten en het uitstekende orkestspel onder leiding van Stefan Soltesz. Natuurlijk was de sopraan Annelena Persson in de titelrol het middelpunt van deze opera. Ze deed het zeker niet slecht maar ik had toch wel graag meer volume gehoord bij de hoge tonen. Een Duitse krant merkte terecht op dat zij het zelfbewustzijn van een prima donna miste en meer op een ensemblezangeres.
Aida
De opera Aida op tv betrof een opname van het Muziektheater uit 2000. Na afloop was er veel boegeroep. Ik snap eigenlijk niet waarom. De kritiek die ik hoorde betrof het zangniveau van de zangers, de wat omvangrijke gestalte van Aida en de regie. Te modern vond men. Goed, Er stond geen Domingo of Villazon of Gheorghiu op het podium maar slecht was het zeker niet. Het toneelbeeld bij de aanvang van het eerste bedrijf was ongebruikelijk. Er lagen vijf of zes dode strijders met een naakt bovenlichaam op brancards daardoor verwijzend naar de vele doden die een oorlog met zich meebrengt. Ook dus die tussen de Egyptenaren en de Ethiopiers. De mensen die niet verder wilden kijken misten veel. Vooral het orkest onder leiding van Chailly speelde indrukwekkend. Nimmer hoorde ik tijdens Aida zo’n uitstekend orkestspel.
Carmen
Een dag later zag ik Carmen. Het betrof een live uitzending vanuit de Scala van Milaan ter gelegenheid van de opening van het nieuwe seizoen. Het was de enige opera waaruit ik tijdens de pauze ooit wegliep. Een invalster zong de titelrol en deed het zo slecht dat ik het niet aan kon horen. Gelukkig was dat nu niet het geval al waren sommigen ontevreden met de vertolking van de titelrol door de mezzosopraan Anita Rachvelishvili. Ze speelde voor het eerst Carmen. Deze 25 jarige zangeres bleek te beschikken over een forse stem maar schoot tekort in haar mimiek. Daardoor kwam haar acteerprestatie onder druk te staan. Televisiekijkers zullen dat zeker hebben opgemerkt. De openbaring van deze opera-avond was het optreden van Jonas Kauffmann. Een tenor waar we nog veel van zullen horen en die in Europa al veel furore maakt. Hij zong de rol van Don José en bleek daar volkomen in op te gaan. Vooral tijdens de finale toonde hij zich een groot acteur. Al was er dus nogal wat kritiek op de drie uitvoeringen, ik heb er zeker van genoten.


Op vier achtereen volgende zondagen worden op Nederland 2 opera’s uitgezonden. Steeds om 13.30 uur.
Het programma luidt als volgt:
6 december Aïda van Verdi.
13 december Don Carlos van Verdi
20 december Ercole Amanto van Fr.Cavalli
27 december I Puritani van Bellini.

Muziektheater Amsterdam
In de periode 2 december tot en met 28 december wordt in het Muziektheater in Amsterdam de opera La fanciulla del West van Puccini opgevoerd. De titelrol wordt gezongen door de zeer bekende Nederlandse zangeres Eva Westbroek.

Oudere Berichten »