Feeds:
Berichten
Reacties

Archive for februari, 2010

Scène uit Don Carlos van Verdi


Als de gelegenheid zich voordeed om een operavoorstelling bij te wonen van Verdi’s meesterwerk Don Carlos dan was ik daar altijd voor te porren. Nu nog heb ik vooral goede herinneringen aan een uitvoering in december 2004 van de Nederlandse Opera. De regie en de cast waarin Villazon in Nederland zijn debuut maakte was van een uitstekend gehalte. Deze maand kreeg ik de kans om de opera opnieuw te zien. En notabene nog wel de volledige versie van 1867. Geschreven in de Franse taal en meer dan vier uur durend. Verdi componeerde zijn opera speciaal voor Parijs. Een grand opéra dus in vijf bedrijven met de voor de Fransen zo noodzakelijke balletten. Waar gaat deze opera over? Jawel al weer over een onbeantwoorde liefde. Don Carlos de zoon van de Spaanse koning Philips II is verloofd met de Franse prinses Elisabeth de Vallois. Hun huwelijk gaat niet door omdat Philips om politieke redenen wil huwen met de Franse prinses. Deze onverwachte wending leidt tot onverkwikkelijke situaties en verschrikkelijke eenzaamheid van alle protagonisten. Verdi heeft het libretto van Méry en du Locle naar een toneelstuk van Schiller zo schitterend op muziek gezet dat dit werk met Othello tot een van mijn meest geliefde opera’s van zijn oeuvre behoort. De uitvoering van deze productie in Antwerpen was al voorafgegaan door optredens in Hamburg, Wenen en Barcelona. Regisseur Peter Konwitschny had het podium veranderd in een grote witte schoenendoos waarvan de ruimte goed werd benut in de scènes wanneer veel ‘volk’ op het podium stond. Over dat volk alias het koor niets dan lof . Dat gold ook voor het orkest dat met vaste hand werd geleid door dirigent Alexander Joèl. De titelrol was weggelegd voor Jean-Pierre Furlan. Zijn stem klonk wat nasaal maar na verloop van tijd raakte ik daaraan gewend. Deze tenor acteerde goed en kwam in zijn hoofdrol zeer geloofwaardig over. De overige protagonisten waren het aanhoren meer dan waard. Elisabeth de Valois vertolkt door de sopraan Susanna Branchini en de mezzo prinses Eboli door Mariana Tarasova deden het prima. Spannend als altijd was de ontmoeting van de twee bassen. Koning Philips (Jaco Huijpen) en de Le Grand Inquisiteur (Francesco Ellero d’Artegna). Zij stonden garant voor een boeiende scène waarin duidelijk werd dat de macht van de kerk soms verder reikt dan die van de staat. Dario Solari vertolkte de rol van de Marquis de Posa. Hij was de trouwe vriend van Don Carlos maar ook lange tijd loyaal aan de Spaanse koning. Een lastige rol die met wisselend succes werd ingevuld. Peter Konwitschny toonde tijdens het spelen van balletmuziek een intermezzo genaamd ‘de droom van prinses Eboli.’ Met haar man Don Carlos ontving zij haar schoonouders Philips II en Elisabeth voor een pizzafuif. Wat mij betreft was een coupure op zijn plaats geweest. Deze scène voegde niets positiefs toe aan het geheel en deed zelfs afbreuk aan de dramatiek van het totale werk. Ik kreeg even de indruk dat ik verzeild raakte in het Theater van de lach.
Dè vondst van de voorstelling was wel dat Konwitschny het publiek op ludieke wijze betrok bij de ceremonie van de ketterverbranding. Terwijl de toeschouwers nog hun pauzewandelingetje maakte met een glas in de hand, verwelkomden bazuinblazers Philips en Elisabeth en hun gevolg in het portaal van het operagebouw. Zij kregen van het orkest en koor bij hun binnenkomst in de zaal een ovationele muzikale hulde. Ondertussen renden beulen enkele ketters achterna tussen de stoelen van de parterre. Het ging er niet zachtzinnig aan toe. Het publiek werd volkomen verrast. Tijdens de auto da fé projecteerde men op de achterzijde van het podium beelden die toonden hoe Joden gedurende de tweede wereldoorlog werden opgepakt en van balkons werden afgegooid. Hier bleek het sociale engagement van Peter Konwitschny. Hij is een regisseur die ook wel eens genoegen moet nemen met boe geroep. Nu in ieder geval niet.
Samenvattend stel ik vast dat het zeer de moeite waard is om deze opera te gaan zien. De Vlaamse opera geeft u de gelegenheid tot zaterdag 13 maart. P.A.

Advertenties

Read Full Post »

Placido Domingo

Op 16 januari zag ik in het filmhuis Metropolis in Antwerpen de opera Carmen. Vier zalen waren toen uitverkocht. Gisteren, 6 februari, was ik er weer. Nu voor Verdi’s drama Simon Boccanegra. ‘Slechts’ twee zalen waren nagenoeg uitverkocht. Is Bizets Carmen voor de toeschouwers interessanter dan Verdis Boccanegra? Vermoedelijk. Carmen kent wel dramatische aria’s en ensembles maar ook goed in het gehoor liggende en wat lichtvoetiger tussenspel en balletscènes. Die laatsten maken het geheel wat minder zwaar dan Simon Boccanegra, dat een groot drama is. Trouwens het operavolk van Venetië toonde zich bij de première op 12 maart 1857 ook niet zo enthousiast. De omslag kwam pas 24 jaar later toen Verdi in samenwerking met de componist Boïto voor een tweede versie zorgde. Deze oogstte wel succes.
Een aanrader: Voordat je naar Simon Boccanegra gaat is het van groot belang om de synopsis goed te lezen. Voor mij was het al 10 jaar geleden dat ik het werk voor het laatst op dvd zag en ik had moeite om de verhaallijn goed te volgen. De uitvoering, gestraald vanuit de Metropolitan in New York, zag er imposant uit. De mise en scène is nog dezelfde als die van de bestaande dvd uit 1995 en is niet door progressieve regisseurs aangetast. Het werk is als men geconcentreerd luistert muzikaal zeer interessant. Vooral wanneer zangers als Domingo en Morris, die de pensioengerechtigde leeftijd aardig benaderen, van de partij zijn. Wat zongen deze twee ‘oudjes’ nog fris. Domingo, in het verleden de tenorrol zingend van Gabrielle Adorno, zong nu de titel- en baritonrol van Simon Boccanegra. Dat was wel even wennen. Zeker, Placido deed het weer fantastisch en zong de rol van de doge zeer overtuigend, maar vooral zijn acteertalent reikte weer tot grote hoogte. Toch kan ik niet ontkennen dat ik de cd opnamen uit 1977 en 1986 met Piero Cappucilli als Boccanegra prefereer boven het baritonexperiment van Domingo. Cappucilli toont zich een meer brede Verdibariton met de daarbij behorende klankkleur. Maar wie daarover zeurt doet aan de totale prestatie van Domingo ten onrechte afbreuk. In de betreffende cd opname van 1986 is Placido Domingo met zijn machtige stem te bewonderen als Gabriele Adorno. Nu zag en hoorde ik in Antwerpen een uitstekend zingende Marcello Fiordano in dezelfde rol.
Rond 1990 maakte ik voor het eerst kennis met de fantastische baritonstem van James Morris als Wotan in die Walküre van Richard Wagner. Het leek wel of zijn stem sindsdien onaangetast is gebleven. Gisteravond zong hij de rol van Jacopo Fiesco, die niet met Simon Boccanegra op goede voet staat, op indrukwekkende wijze. Ook de voor mij onbekende sopraan Adrianne Pieczonka was een verrassing. Zij bezit een open, heldere, dramatische stem. Als enige vrouwelijke soliste moest zij optornen tegen het mannengeweld. Dat deed ze met succes. Ik ga haar meer in de gaten houden.
Het orkest van de Metropolitan speelde uitstekend onder de steeds meer uitdijende James Levine wiens zitplaats op de bok stilaan te smal wordt. Zijn slag met de baton is er niet minder pittig om. Wat heeft deze man een energie. Hij is al meer dan dertig jaar verbonden aan de Metropolitan. Van dit operahuis mag je niet direct verwachten dat men een progressieve regisseur aantrekt. De decors en kostuums van Michael Scott zagen er imposant uit. De toeschouwers die in de pauze in de zaal bleven zullen zeker onder de indruk zijn geweest van de wijze waarop de decorwisseling met behulp van veel techniek en ongeveer dertig man in een rap tempo werd uitgevoerd. Ook bleek dat Renée Flemming niet alleen uitstekend kan zingen maar ook haar interviews met de hoofdrolspelers en de aanwezige Nieuw Zeelandse sopraan Kiri te Kanawa zeer charmant kan afnemen. Samenvattende conclusie: Een zware, dramatische Verdi opera waarvan men blij wordt door de pracht van de uitvoering.

Op 27 maart 2010 wordt in de Pathé theaters en in het theater van Cinemec BV te Ede de opera Hamlet van Ambroise Thomas getoond. In de hoofdrollen zingen dan: Nataly Dessay, Simon Keenlyside en Jennifer Larmore.
Op 1 mei 2010 kunt u Armina van Rossini zien met Renée Flemming en Bruce Ford in de hoofdrollen. Kijk voor nadere informatie op de website van Pathé: http://www.pathe.nl. P.A.

Read Full Post »

Patrizia Ciofi, grote ster in Luik

De afgelopen week zag ik drie opera’s die meer dan de moeite waard zijn. Op dinsdag 23 januari genoot ik van het door Arte uitgezonden meesterwerk van Jules |Massenet: Werther. Twee dagen later van een dvd van Cherubini’s Medea en afgelopen zondag in Luik van I Capuleti e i Montecchi van Vincenzo Bellini. Drie werken met een eigen signatuur.

Werther
Om met Werther te beginnen, hierbij poneer ik de stelling dat er nauwelijks een operaliefhebber is of was bij wie dit werk geen gevoelige snaar raakt. Dit drama gaat over een onbeantwoorde liefde met een tragische afloop waarbij de man Werther zelfmoord pleegt met de pistolen die zijn geliefde Charlotte hem aanreikt. Kan iemand nog iets wat erger is overkomen? Deze opera laat ook zien waartoe het extreme plichtsgevoel van Charlotte leidt. In plaats van te huwen met Werther die zij liefheeft, trouwt ze omwille van een belofte aan haar moeder met een zekere Albert.
De productie op Arte was afkomstig uit Londen (2004) en werd in de opera |Bastille in Parijs gespeeld op 22 januari van dit jaar. De hoofdrollen werden op bewonderenswaardige wijze vertolkt door de steeds meer furore makende Jonas Kaufmann als Werther en de bijna gelijkwaardige Sophie Koch als Charlotte. Net als in 2004 toen in het Théatre de Chatelet in Parijs een concertante Werther werd opgevoerd met het duo Thomas Hampson en Susan Graham, stond de dirigent Michel Plasson op de bok. Als geen ander kent hij het werk van de Franse componist. Met oog voor detail sleept hij de kijkers mee in de stroom van gevoelens. Interessant is dat Hampsom de bariton-versie van deze opera zingt en Kaufmann de tenor versie. Beiden doen dat op indrukwekkende wijze. Susan Graham speelde en zong de Charlotte rol semi-scenisch verrukkelijk. Van dit concert bestaat een dvd opname op het label Vergin Classics. Op een dvd van de jongste versie zullen we nog wel even moeten wachten. Jammer, want beide uitvoeringen lenen zich, afgezien van de toneelbeelden, voor vergelijking.

Medea
De opera Medea van de in 1760 in Florence geboren componist Cherubini zag ik op dvd. Ik was blij dat ik ermee kennis maakte omdat het een zelden uitgevoerd werk is dat toch echt de moeite waard is. Kennelijk was dat niet het geval met de 28 andere opera’s van zijn hand want die worden nooit uitgevoerd. Maria Callas bracht Medea weer tot leven in de Scala van Milaan in 1953. Al was de uitvoering een groot succes, toch kreeg deze opera in de 20e eeuw geen vaste plaats in het opera repertoire. De kwaliteit van de uitvoering valt en staat mijn inziens met de prestatie van de hoofdfiguur Medea. De protagonist die deze rol invult staat bijna twee uur op het podium en dient behalve over een grote dramatische stem ook over voldoende uithoudingsvermogen te beschikken. De Medea die ik zag, Denia Mazzola Gavazzeni, had die eigenschappen. In haar rol zaten geen versieringen. Bij de andere solisten natuurlijk ook niet want deze de opera staat immers ver af van het belcantogenre. Gavazzeni beeldde de rol van Medea uit in de vele verschillende emotionele stadia die dit werk kent. Ze moest noodgedwongen Jason haar echtgenoot verlaten voor haar rivale Glauce die zij wat later vermoordt. En om haar haatgevoelens jegens haar ex-echtgenoot Jason tot uitdrukking te brengen, vermoordt zij haar twee kinderen, daarmee voorkomend dat Jason nog van hen kan genieten. Aan emoties geen gebrek. Helaas weinig momenten van liefde en veel haatgevoelens. Een voor mij opvallende rol speelde Elisabette Scano de slavin van Medea genaamd Neris. Scano is een prachtig zingende mezzosopraan die getuigt trouw te willen blijven aan de kwaadaardige Medea. Eric Hull leidde de voorstelling in goede banen. Wanneer u de kans krijgt om Medea te zien grijp hem dan tenzij u zich niet opgewassen voelt tegen zoveel dramatiek.

I Capuleti e i Montecchi.
Zondag 28 januari. Met de Stichting Operaclub Nederland vertrokken mijn vrouw en ik om 12.00 uur naar Luik voor het bijwonen van I Capuleti e i Montecchi. Een besneeuwd landschap en vriendelijke mensen in de bus zorgden voor een aangename sfeer. Omdat in Luik het operagebouw werd verbouwd was een grote tent opgesteld om het operabedrijf toch de kans te geven om haar programma ten uitvoer te brengen. Dat lukte wonderwel al moet ik toegeven dat de vermenging van het geluid van de stemmen met dat van de verwarminginstallatie mij verhinderde optimaal te kunnen genieten van deze belcanto-opera. Na de pauze zat ik op een andere stoel waar die luisterhandicap was gereduceerd tot bijna nul. In muzikaal opzicht bracht het Italiaanse operagezelschap wat men van haar mocht verwachten. De stemmen waren uitstekend. De beroemde sopraan Patrizia Ciofo was de favoriet van de toeschouwers. Zij oogstte terecht het meeste applaus als Juliette en haar vertolking met de vele versieringen deed denken aan Joan Sutherland. De Romeo rol, een broekenrol, nam de mezzosopraan Laura Polverelli met grote overtuigingskracht voor haar rekening. Ook Aldo Caputo als, Tebaldo, Lucianano Montanaro als Frate |Lorenzo en Maurizio Lo Piccolo als Capellio kweten zich goed van hun taak. De stemmen klonken goed in de tent. Het orkest van Opera Royal de Wallonie speelde aanvankelijk wat aan de harde kant maar nam terecht daarna wat gas terug. Een compliment dient uit te gaan naar de beeldregie. Speelden de protagonisten nogal statisch hun rol, het toneelbeeld zag er toch zeer wisselend uit. Het werd voortdurend aangepast aan de verschillende situaties met behulp van videobeelden geprojecteerd op doorzichtige gordijnen. Men ziet dat licht en video regie in steeds meer theaters met succes wordt toegepast. En dan te bedenken dat in de tijd van Verdi en Wagner podium en zaalverlichting bestond uit kaarsen of een gaslantaarn. De eerste experimenten met licht op het podium zijn afkomstig van Wieland Wagner, de kleinzoon van Richard Wagner. Dan spreken we wel over de jaren vijftig van de vorige eeuw. Het operafestijn in Luik werd afgesloten in een gezellig Italiaans restaurant. Rond het middernachtelijke uur waren we weer thuis. Prima dag. P.A.

Read Full Post »