Feeds:
Berichten
Reacties

Archive for januari, 2013

images

Juist op de dag dat koningin Beatrix bekend maakte afstand te doen van de troon, zag ik tijdens de reprise van de opera Maria Stuarda van Gaetano Donizetti (1797-1848) hoe twee koninginnen nog net niet met elkaar op de vuist gingen. Het vocale geweld tussen de twee vorstinnen vormde echter wel een dramatisch hoogtepunt van de opera. Die associatie met onze vorstin slaat natuurlijk nergens op want bij mijn weten heeft Beatrix gedurende de 33 jaar dat zij onze majesteit was nimmer een vete uitgevochten met een andere vorstin. Donizetti en de toen 17- jarige librettist Giuseppe Bardari kozen er voor om een langdurig conflict tussen de katholieke Schotse koningin Maria Stuarda en haar nicht de protestante Engelse koningin Elisabeth te laten uitmonden in een ontmoeting tussen de beide vorstinnen in een bos in de buurt van de gevangenis in Fotheringhay Castle. Maria Stuarda zat daar 18 jaar afgezonderd van de buitenwereld omdat ze na haar vlucht uit Schotland werd beschuldigd van deelname aan een complot die de positie van Elisabeth zou bedreigen. Haar asielaanvrage moest ze uiteindelijk bekopen met de dood. Die ontmoeting tussen de twee koninginnen heeft in werkelijkheid nooit plaats gevonden maar bood de componist de mogelijkheid om de haat tussen beide vrouwen expliciet te tonen. Historisch waar is dat de Schotse Maria het slachtoffer werd van het getekende doodvonnis door Elisabeth en de voltrekking ervan door de beul. De scène die daaraan vooraf gaat kende tijdens de uitvoering in de Metropolitan opera op 19 januari ontroerende momenten niet in het minst door de geweldige dramatische zangkunst en acteerprestatie van de in grote vorm zijnde Italiaanse sopraan Joyce DiDonato. De Met had trouwens weer voor een geweldige cast gezorgd. De rol van Elisabeth werd vertolkt door de debuterende Zuid Afrikaanse sopraan Elza van den Heever, die zonder moeite haar hoge zuivere noten en coloraturen zong. Zij zette een onvermurwbare bikkelharde Engelse koningin op het podium. Ik weet te weinig af van het leven van deze vrouw, die 45 jaar op de Engelse troon zat en door haar bindingsangst verstoken bleef van een echtgenoot, maar zij had tot mijn verrassing in overleg met de bekende regisseur David Mc Vicar ervoor gekozen een onelegante koningin op het podium te zetten. Zij bewoog zich weinig flatteus in haar paleis en vooral tijdens het tweede bedrijf, 10 jaar later in het verhaal, toen zij leed aan ernstige rugklachten. Maria Stuarda daarentegen bewoog zich zelfs in haar laatste uren koninklijk al leek ze wel last te hebben van de ziekte van Parkinson. Een cruciale rol in het libretto was weggelegd voor Leicester die de beide vorstinnen het hof maakte en zijn band met Elisabeth benutte om Maria Stuarda te bevrijden van haar kluisters. Het mocht niet baten. De tenor Maurizio Polenzani was uit het goede hout gesneden. Met grote inzet en met een nuancerend pianissimo zong hij met verve deze belcanto-rol. De rollen van Cecil en Talbot werden uitstekend vertolkt door respectievelijk Joshua Hopkins en Matthew Rose. Dirigent Maurizio Benini leidde het orkest en de zangers met vaste hand. Regisseur David McVicar, die vorig operaseizoen ook al Anna Bolena van dezelfde componist regisseerde, stond garant voor een uitvoering die het traditionele operapubliek geen hoofdpijn bezorgde.

Maria Stuarda, waarvan de première aanvankelijk was verboden door de koning van Napels, werd gerenoveerd maar de première was in 1834 geen succes. Bovendien was er een schandaal omdat de twee koninginnen Ronzi en Del Sere tijdens een van de laatste repetities elkaar letterlijk en figuurlijk te lijf gingen. In 1835 werd het oorspronkelijke werk in de Scala van Milaan uitgevoerd. Maria Stuarda is vervolgens nog wel in enkele kleine theaters opgevoerd  maar het heeft 130 jaar geduurd voordat de Scala het werk opnieuw op de planken bracht. Het gevolg is wel dat Maria Stuarda nu definitief op mijn lijstje van favoriete belcanto opera’s staat. Dat is niet in de laatste plaats te danken aan de uitvoering van de Met.

Advertenties

Read Full Post »

download Troyens

In mijn voorbeschouwing van 26 december 2012 op de deze weblog schreef ik in de slotregels dat de opera Les Troyens van Berlioz voor iedere operaliefhebber een must is. Of in Tilburg wonen weinig operaliefhebbers, of mijn stelling is onjuist, want slechts een veertigtal mensen nam de moeite zich te goed te doen aan een vijf uur durend drama waar de kwaliteit vanaf spatte.

Over de inhoud van het door de componist zelf geschreven libretto verwijs ik naar mijn voorbeschouwing. Over de uitvoering van de Metropolitan Opera, opnieuw te zien in de Pathé bioscoop, wil ik wel het een en ander kwijt.

De operaliefhebber kwam inhoudelijk volledig aan zijn trekken. Er is plaats voor mooie aria’s voor de solisten, een schitterend duet tussen Dido en haar zus Anna, en een septet dat vooraf gaat aan een van de mooiste liefdesduetten van het Franse repertoire. Berlioz heeft zijn Les Troyens bovendien rijk geïnstrumenteerd en de blazers een daarin een prominente rol gegeven. Naar de Franse traditie is het werk gelardeerd met veel balletten. Naar mijn mening iets te veel om de spanning in het tweede deel permanent vast te kunnen houden. Er werd met grote inzet gedanst en de choreografieën zagen er prachtig uit, maar net als tijdens de massascènes van de uitstekend zingende koren, verzuimde de camera zo nu en dan uit te zoemen zodat de kijker verstoken bleef van een totaal podiumbeeld. Een podium dat er indrukwekkend uitzag en opgebouwd was uit verschillende plateaus met dieptewerking waarop zich gelijktijdig verschillende scènes afspeelden. Ook aan de kleding was veel aandacht besteed zodat Griekse en Trojaanse protagonisten goed van elkaar waren te onderscheiden.

De opera bestaat uit vijf bedrijven. Voor de eerste pauze werden de toeschouwers geconfronteerd met de zieneres Cassandra die de ondergang van Troje voorspelt en de rituele, indrukwekkende zelfmoordscène van de Trojaanse vrouwen die weigerden zich uit te leveren aan de Griekse soldaten. De Amerikaanse sopraan Deborah Voigt, een paar maanden geleden nog een uitstekende Brünnhilde, liet het volgens mij afweten. De rol van Cassandra is eigenlijk geschreven voor een mezzosopraan met meer donkere en warmere kleuren dan Voigt liet horen. Haar zang ontroerde niet. Een diep medelijden met haar volk en een minnaar die niet kan begrijpen dat zij de ondergang van Troje voorziet ontbrak. Haar lage tonen waren zwak en ook fysiek kwam ze niet overtuigend over. De operaliefhebbers die al eerder kennis maakten met Les Troyens zullen ongetwijfeld terug denken aan de briljante Cassandra’s van Jessy Norman, Anna Caterina Antonacci en onze eigen Eva Maria Westbroek.

Vanzelfsprekend ging mijn belangstelling vooral uit naar de prestaties van de mezzo Susan Graham en de debuterende tenor Bryan Hymel die rond de kerstdagen de plaats innam van de falende Marcello Giordani. Hymel trad voor het laatst op in de Met toen hij 20 jaar was. Hij zong toen in de finale van ‘The Met’s national Concert.’ Nu 13 jaar later keerde hij terug naar een van de grootste operahuizen ter wereld. In de zomer van dit jaar heeft hij in Londen al een keer de rol van Aeneas gezongen als invaller voor de afwezige Jonas Kaufmann. Nu werd hij onverwacht voor de leeuwen gegooid in de Met. Na afloop van zijn eerste uitvoering in december vormden alle protagonisten een erehaag voor hem en beloonden hem voor zijn prestatie met een enorm applaus. Dat deed het publiek zaterdagavond ook. Zong hij tijdens het liefdesduet met Susan Graham wellicht een tikkeltje te luid, hij maakte zich onsterfelijk tijdens de lange aria ‘Inutiles regrets!!! Je dois quiter Carthage!’ Hymel heeft een prachtige stem die vermoedelijk ook alle zware Wagnerrollen aankan en met het zingen van topnoten geen moeite heeft. De rol van Aeneas is vanuit vocaal standpunt niet gemakkelijk want in de liefdesscènes moet hij zijn stem licht houden maar wanneer hij aan het hoofd van zijn troepen staat en zijn plicht hem roept aan de liefde te verzaken wordt een heroïsche stemvoering vereist. Hij slaagde met glans. Ook acterend stond de tenor zijn mannetje. Zijn tegenspeelster Susan Graham is een zangeres van grote klasse met veel ervaring in het Franse repertoire. Zij speelde Dido, de koningin van Carthago. En hoe! Deze rol is haar op het lijf geschreven. Een productie van het Théatre de Chatelet in Parijs is op dvd verkrijgbaar waarin u haar opnieuw als Dido aan het werk kunt zien. Mevrouw Graham liet alle kanten van het menselijke spectrum zien tijdens het tweede deel van de opera: Haar vriendelijkheid en respect voor haar onderdanen, haar kwetsbaarheid wanneer ze ten strijde moet trekken met behulp van de Trojanen tegen de Numidische heerser Labas, haar gewetensnood wanneer zij aanvankelijk niet wil bezwijken voor de avances van Aeneas omdat ze als weduwe trouw wil blijven aan haar overleden echtgenoot en vervolgens haar overgave tijdens dat prachtige liefdesduet in een nacht van extase. En dan zien we haar in het laatste bedrijf als een totaal door de liefde overmeesterde vrouw, die haar woede om haar verlating door Aeneas niet meer onder controle houdt en een einde aan haar leven maakt. De rol van een protagonist wordt meestal pas echt interessant wanneer de componist een meer dimensionaal karakter belicht. De rol van Dido biedt die mogelijkheid maar je moet wel fantastisch kunnen zingen en acteren. Susan Graham kan dat. Ze zingt beurtelings met een lichte tedere stem met prachtige doorleefde stembuigingen en dan weer is haar zang gepassioneerd als die van een helleveeg die de vloot van Aeneas in brand wil steken maar daarvan op het volgende moment weer spijt van heeft. Ontroerend zijn de momenten van haar afscheid van de stad en van haar volk, van haar prachtig zingende dierbare zus Anna (Karin Cargill) en het Afrikaanse sterrenbeeld. De Carthagers kunnen de dood van hun koningin niet verwerken en vervloeken Aeneas en zijn nazaten. Wie kan dit wel verwerken na zo’n opera?

Read Full Post »