Feeds:
Berichten
Reacties

Archive for november, 2019

De uitvoering van Madame Butterfly in de Pathé bioscoop op 17 november 2019 in Tilburg werd door circa 60 enthousiaste liefhebbers bijgewoond.  De voorstelling betrof een satellietuitzending van de Metropolitan opera in New York. Al in 2009 zag ik deze productie van regisseur Anthony Minghella. Ik vond hem toen al heel bijzonder. En dat vind ik nog steeds. Dat is vooral te danken aan de samenwerking van de winnaar van de Academy Award, filmproducer Anthony Minghella, de danser en choreograaf Carolyn Choa en de leiders van het poppentheater Blind Summit, Nick Barnes en Mark Down. In het theater van dit laatste tweetal zijn de mensen die de poppen in Bunraku stijl aansturen enigszins zichtbaar voor het publiek. Het leverde tot mijn verbazing geen irritatie op.

Veel publiciteit
Deze Butterfly was zeker niet modern te noemen, maar door het op een uitdagende wijze samenbrengen van andere autonome kunstvormen werd deze uitvoering een ongekend succes. Dansers zorgden voor de uitbeelding van de Cio-Cio-San (Butterfly) tragiek door fraai te bewegen wanneer de gedachten van de Japanse afdwaalden naar de tijd dat ze als geisha door het leven ging.      Ook indrukwekkend was het optreden van een danser die manipuleerde met een pop die identiek wasaan de vrouwelijke hoofdrolspeelster tijdens een instrumentaal intermezzo bij de aanvang van het 2e deel van het 2e bedrijf. Hij ging tijdens zijn dans zo met deze pop om dat iedereen begreep dat het koppel Pinkerton de tand des tijds niet zou doorstaan.Aanleiding tot veel publiciteit in New York was destijds de inzet van een pop in een matrozenpakje in plaats van een tweejarig jongetje als protagonist voor het zoontje van Pinkerton en Butterfly. Drie miniem zichtbare manipulators wisten het poppetje zo natuurlijk te laten bewegen dat een aantal toeschouwers beweerde dat de inzet van deze pop meer realistisch was dan die van een jongetje dat nauwelijks een dergelijke rol kan spelen.   Anderen vonden het intrigerend maar ook vreemd. Sommigen waren  ontroerd door de suggestieve en natuurlijke wijze waarop de pop speelde. Opvallend was ook hoe goed acterend Hui He als Butterfly, Elisabeth Deshong als Suzuki en Paulo Szot als Sharpless met grote nuance reageerden op het gedrag van de pop. Het was aandoenlijk om te zien.

Uitstekende cast
Hui He was een fantastische Butterfly. De 47-jarige Chinese zangeres acteerde ondanks haar forse gestalte zo veel als mogelijk als een jong meisje. Haar zang en spel deden iedereen vergeten dat haar lichaamsomvang niet overeen kwam met dat van een 15 jarige die haar eerste huwelijksnacht tegemoet gaat. De rol is op zich zelf al lastig genoeg, want zij moet in het eerste bedrijf haar stem licht houden maar in het tweede bedrijf schakelen naar volle tragiek. Die gedachte komt bij me op als ik terug denk aan de wijze waarop Hui He tijdens haar aria ‘Un bel di vidremo’  haar dienster Suzuki haar visualisatie van de terugkomst van Pinkerton laat ervaren. Dat is in een woord fenomenaal. Iedere zin, iedere frase is raak. Dat gold ook voor haar hartverscheurende slotaria. De Amerikaanse mezzo-sopraan Elisabeth DeShong zong de rol van Suzuki ook al uitstekend. Zij deelde in de smart en ellende van Butterfly en hielp haar waar ze maar kon. Tegen beter weten in versierde ze met Butterfly de woning vanwege de vermeende thuiskomst van Pinkerton. Bruce Sledge was een welluidende F.B.Pinkerton. Voor hem was zijn optreden tevens een roldebuut in de Met waarin hij de zieke tenor Andrea Carè verving. Aanvankelijk vond ik hem te weinig de uitstraling hebben van een minnaar. Zijn mimiek kwam onverschillig over. Hij had de onsympathieke rol van een gedetacheerd marineofficier In Nagasaki, die van mening was dat hij, zoals de Japanse wet voorschrijft, een 999 jarig huwelijk kon afsluiten met een opzegtermijn van één maand. Bovendien was hij de protagonist die model stond voor de tegenstelling tussen de westerse en Japanse cultuur. Hij beledigde de moeder van de bruid en haar familie in woord en gebaar en schatte slecht in wat het betekende voor Butterfly dat zij door haar familie werd verstoten omdat zij vond dat ze de Japanse goden vaarwel moest zeggen en voor de God van Pinkerton wilde knielen. Na drie maanden huwelijk verliet hij haar en keerde na drie jaar met een Amerikaanse vrouw terug naar Nagasaki zonder ondertussen iets van zich had laten horen. Toch had hij aan Butterfly beloofd terug te keren wanneer de roodborstjes zich hadden genesteld. In Japan was dat inmiddels al drie keer gebeurd. Butterfly vroeg daarom aan de consul Sharpless of roodborstjes dat in Amerika veel minder doen. De Amerikaan antwoordde dat hij geen ornithologie had gestudeerd en het niet wist.

Ondankbare rol

Sharpless leest brief voor aan Butterfly

Sharpless had een ondankbare rol die de Braziliaanse bariton Paulo goed invulde. Hij moest Butterfly meedelen dat FB Pinkerton niet bij haar zou terugkeren maar kon dat nauwelijks over zijn lippen krijgen waardoor Butterfly tot het laatst toe valse hoop koesterde op Pinkertons terugkomst. Ook zijn pogingen om Pinkerton te behoeden voor te lichtzinnig gedrag ten opzichte van Butterfly strandden. Szot’s bescheiden ingehouden expressie paste precies in de lastige situaties die zich voordeden.

Het orkest onder leiding van dirigent Karen Kamensek zorgde voor de juiste sfeer en ondersteuning van de solisten. Het goed zingende koor dat de familieleden van Butterfly vertegenwoordigde was schitterend gekostumeerd door kostuumontwerper Han Feng waardoor deze opera Butterfly er prachtig uitzag.

Read Full Post »

Ze is mooi, sensueel, pas 16 en moet van haar familie naar een klooster omdat ze op te veel pleziertjes uit is. Men wil haar temmen. Het zal niemand lukken. Manon komt op haar reis, naar dat klooster, in contact met een aantrekkelijke jongeman Chevalier Des Grieux. Ze hebben éénmaal oogcontact en zijn straalverliefd. Maar al spoedig is er, na een kortstondig verblijf met hem in een kleine Parijse woning, een andere kaper op de kust. De puissant rijke oude De Brétegny kan Manon bieden wat de arme Chevalier des Grieux niet kan. Een wuft leven met veel koketterie maar de echte liefde die ze wel ervoer bij haar vorige minnaar des Grieux ontbreekt. Ze kiest voor De Brétegny en verlaat des Grieux. Wel zingt ze voor haar vertrek nog de schitterende, eenvoudige aria ‘Adieu notre petite table.’  Des Grieux, inmiddels in priestertoog, preekt tot zichtbaar genoegen van vrouwelijke kerkgangers, maar ondanks dat hij anders wil doen geloven is hij Manon absoluut niet vergeten. Dit alles begrijpt, ziet en hoort de bioscoopbezoeker dankzij de straalverbinding met de Metropolitan opera.

Triomf
Manon is des Grieux ook niet vergeten. Hun ontmoeting in de kerk is stormachtig en levert tijdens het derde bedrijf het zoveelste prachtige duet op (Toi! Vous!) en wie de sopraan Lisette Oropesa ziet verleiden heeft begrip voor de protagonist pastoor, dat hij de verleidingen van Manon niet kan weerstaan. Zelden zag ik in een kerk zo’n hartstochtelijke minnaars als Manon en Chevalier des Grieux. Het publiek van de Met lijkt de omhelzing van het paar als een triomf van de liefde te beschouwen want nog voor de laatste toon heeft geklonken juicht het uitbundig.

De rol van Des Grieux wordt vertolkt door de 35 jarige Amerikaanse tenor Michael Fabiano. Hij beschikt over een groot volume en beheerst ook het pianissimo en maakt daarbij uitstekend gebruik van zijn kopstem als hij zijn gevoelens vol tederheid voor zijn geliefde wil uitdrukken. Hij komt in de meeste, dramatische situaties zoals in de kerkscène het best uit de verf. Terugkomend op de Amerikaanse sopraan Oropesa, winnares van de Berverly Sills Award 2019, is in grote vorm. Ze heeft een heldere, flexibele sopraanstem en is uitermate geschikt om de mix van lyriek en hevige uitbarstingen over het voetlicht te brengen. Het elan waarmee zij zingt en acteert, doet je vergeten dat ze als 36 jarige een 16 jarige verbeeldt. Ook in de slotscène, waarin Manon uiteindelijk sterft, wordt dat op aangrijpende wijze vertolkt. Tijdens haar laatste uur haalt ze herinneringen op van haar samenzijn met Des Grieux. Het lijkt erop dat ze daarmee definitief afscheid neemt van haar uitgaansleven van pikanterie en goklust. Bij haar weet je het echt nooit zeker! De opera gaat dus ook over het kiezen van de juiste levensstijl!

 Melodieuze muziek
Het liefdesdrama van de componist Jules Massenet (1842-1912) zag ik op  4 november 2019 in de Pathé bioscoop van Tilburg. Dit werk eindigt heel tragisch  en bestaat uit schitterende orkestmuziek en vele aria’s en duetten voorzien van mooie legatobogen. De melodieuze muziek staat steeds in het teken van de stemmingwisselingen ontstaan door de breuken tussen de geliefden en de zinnelijk mondaine schoonheid hetgeen vooral ook in de doorgaans goed uitgevoerde balletten tot uiting komt.
De opera heeft vijf bedrijven, massascènes en één ballet en doet daarom denken aan een Grand Opéra. Volgens de destijds heersende gewoonte werd, vanwege enkele gesproken dialogen, de opera tijdens de première in 1884 in de Opera Comique van Parijs opgevoerd. Het libretto is van Henri Meilhac en Philip Grille. Het was een idee van de componist Massenet om de in 1731 gepubliceerde roman ‘L’Histoire des Grieux et de Manon Lescaut’ van Abbé Prévost op muziek te zetten. Het stuk was destijds een schandaal omdat het handelde over de vrouwelijke seksualiteit en haar macht die erkende burgerlijke normen zouden ondergraven. De roman speelt zich af tijdens het regentschap van Philippe d’ Orléans die bekend stond om zijn seksuele losbandigheid en zijn corrupte levenswandel. De librettisten waren wel zo wijs om, na de Duits-Franse oorlog, in hun libretto niet te verwijzen naar Philippe d’Orléans.

 Stijlvol
De in de Met uitgevoerde massascènes in deze productie van de Franse regisseur Pelly zagen er goed uit. Er waren geraffineerde massale bewegingen van de in avondkleding gestoken mannen en vrouwen waarbij, evenals door de dansers, goed gebruik werd gemaakt van de schuin aangebrachte oplopende, brede verhogingen op het podium. Het podium was bij ieder bedrijf stijlvol opgebouwd met strakke decors die er soms surrealistisch uitzagen dan weer heel realistisch.

De regelmatige bioscoopbezoeker is inmiddels wel vertrouwd geraakt met de beelden achter de schermen tijdens de pauzes. Toch blijf ik me nog steeds verwonderen over de snelheid en de inzet van het Metpersoneel dat er steeds in slaagt om in recordtempo een nieuw toneellandschap op te bouwen.
Wat minder bewondering had ik voor de directie van dirigent Maurizio Benini. Ik miste tijdens de orkestrale begeleiding van de protagonisten een wat genuanceerder mix van Franse charme en realisme. De orkestpartij leek eendimensionaal. Deze Manon was niettemin een succes al waren er weinig Tilburgers in de Pathébioscoop. Ten onrechte!

 

Read Full Post »