Feeds:
Berichten
Reacties

Archive for maart, 2020

Een echte operaliefhebber wees me er op dat op zondag 22 maart om 14.00 uur de videostream beschikbaar was van de Nationale opera van de generale repetitie voor de wereldpremière van de opera Ritratto van de 60-jarige Nederlander Willem Jeths. Hij was van 2014 tot 2016 de eerste ‘Componist des Vaderlands.’ Een man die een opera schreef van anderhalf uur die toegankelijk is, volledig tonaal en kleurrijk gecomponeerd met een filosofische benadering van het begrip kunst als belangrijkste onderwerp. Het libretto is van Frank Siera. De melodieën van Jeths vind ik mooi en ze werden ook schitterend gezongen. De sopraan Verity Wingate steelt in de titeltol de show. Dat deed ze met overtuigingskracht. Ook zangtechnisch was ze goed op dreef. Het Amsterdamse orkest Sinfonietta begeleidde onder leiding van dirigent Geoffrey Paterson de zangers waarvan de meesten   behoren tot het gezelschap van de Nederlandse Opera.
Mooie kleding
Laat ik u meteen vertellen dat ik prachtige beelden op mijn pc kreeg die voor een groot deel te danken waren aan de bijzondere kleding ontworpen door de bekende modeontwerper Jan Taminiau die over het grootste atelier in Nederland beschikt. Hij was gevraagd kleding te ontwerpen voor maar liefst 40 personages en liet zich daarbij inspireren door kwallen en paddenstoelen. Er werd een beroep gedaan op het archief van de Nederlandse Opera om daar nog een aantal kostuums aan toe te voegen voor soldaten en advocaten. De opvallende decors, met rijk aandoende rekwisieten, waren van Marcel Warning.
Levend kunstwerk
De opera gaat over het leven van de puissant rijke, Italiaanse markiezin Luisa Casati Stampa di Soncino. Zij hield er een uitzinnige levensstijl op na in de society van Parijs, Venetië en Rome. Bekend is dat zij kort voor de eerste wereldoorlog in haar Venetiaanse paleis decadente feesten gaf waarvoor veel kunstenaars werden uitgenodigd. Haar gedrag, kledij en levenswandel leidden er o.m. toe dat ze zich veelvuldig liet portretteren door kunstenaars zoals Kees van Dongen, Filippo  Marinetti, Man Ray, Romaine Brooksen en Giovanni Boldini.  Casati omringde zich met talrijke kunstenaars wellicht om haar motto was  ‘Ik wil een levend kunstwerk zijn.’ te realiseren.
Het waarheidsgehalte in de kunst
De opera van Willem Jenths roept de kijker tevens op om na te denken over het waarheidsgehalte van kunst. De vraag komt aan de orde of er een spanningsveld is tussen de getoonde, dikwijls symbolische, expressie van schilders en de werkelijkheid.
Of geeft een beeld een gedroomde werkelijkheid weer? De vraag doet zich ook voor wat voor kunst wordt aangezien. De ‘schoonheid’ van oorlog komt zelfs ter sprake en kan die  oorlog gezien worden als kunst? Is een mens ook een kunstwerk? Veel gelovigen zullen dit beamen de mens als een kunstwerk van God.

bloemetje voor Willem Jeths, wel in een schilderij.

De finale is een uitdaging voor Casati. Ze wordt met een kwast en verf weergegeven op een groot doek dat op de grond ligt. Ze krijgt ondertussen  te horen dat al haar bezittingen in beslag zijn genomen en de deurwaarders haar paleis leeg halen. Op het doek boet ze aan schoonheid in. Een lamento sfeer is onontkoombaar. Zo blaast deze opera haar laatste adem uit.
twee opvallende uitspraken zijn me bijgebleven:
I De glans aangebracht op een schilderij is niet de weergave van de werkelijkheid.
II Mijn ogen hebben nog nooit zo helder gezien als gesloten.

De generale repetitie van Ritratto (Italiaans woord voor portret) is sinds afgelopen zondag tot 6 april te zien op YouTube op een kanaal van de Nederlandse Opera.

Read Full Post »

Agrippina van Händel huzarenstuk van de Met

Nerone op de troon

Zondag 8 maart 2020 was ik in de Pathé bioscoop in Tilburg met nog dertig Händel (1685-1759) liefhebbers. De in Venetië in 1709 in première gegane opera Agrippina, nu vertoond via een straalverbinding vanuit New York, bracht weer voor de zoveelste keer een bijzondere  voorstelling op die me lang zal heugen.

De productie van David McVicar Is ontleend aan de historie van het Romeinse rijk omstreeks 54 na Christus toen het keizerspaar Claudio-Agrippina op de troon zat. McVicar verhaalt over het machtsmisbruik en het perverse obscene gedrag van Romeinen op machtige posities en vertaalt dit proces naar de moderne tijd. Ironie en humor waren twee belangrijke elementen in deze barok opera met haar ontelbare dacapo aria’s afgewisseld met recitatieven secco.
De opera gaat in eerste instantie over de opvolging van keizer Claudio, vertolkt door de Britse bas Matthew Rose. Hij oogt vermoeid maar speelt en zingt zijn rol indrukwekkend! Hij is een man die macht uitstraalt maar net als zijn vrouw Agrippina van list, bedrog, intimidatie en overspel aan elkaar hangt. Vooral Agrippina is een demonisch personage dat de touwtjes in handen heeft en iedereen voor haar karretje wil spannen. Ze is een door en door slecht mens. Niemand is veilig voor haar en ze zet alle middelen in om haar doel te bereiken. Ze weet zich in hachelijke situaties te redden als haar plannen dreigen mis te gaan. Zij wil haar zoon, de dan nog jonge Nerone (Nero), als opvolger van de dood gewaande Claudio, op de troon. Claudio is echter gered tijdens een scheepsramp door zijn generaal Ottone. Aan hem wordt als beloning de troon beloofd, tot woede van Agrippina. Met Nerone, vertolkt door de mezzosopraan Kate Lindsey, maken we de geboorte mee van een monster. Hij is in de opera de enige die evolueert maar niet in positieve zin. Als adolescent is hij afhankelijk van zijn moeder die hem psychologisch mishandelt. Pas aan het einde van de opera staat hij op eigen benen maar dan is al te zien aan zijn seksuele benadering van de hofdame Poppea, de geliefde van Ottone, hoe destructief hij zich ontwikkelt.

Muziek
Het muzikale materiaal werd vertolkt door het orkest van de Met onder leiding van de Britse dirigent Harry Bicket die tevens beschikte over een topcast. De vertolking van het werk was zowel musicerend als acterend van hoge kwaliteit zodat verveling, al duurde de opera bijna vier uur, was uitgesloten.
De momenten van triomfalisme werden geaccentueerd door het gebruik van trompetten. De muziek van deze opera, die volledig in dienst stond van de tekst zoals dat in het baroktijdperk gebruikelijk is, was fantastisch.
Händel componeerde prachtige muziek met een vleugje satire en met contrasterende muziek voor de twee vrouwen: de intimiderend acterende Agrippina, vertolkt door mezzo sopraan Joyce DiDonato en Poppea gezongen door de heldere, verleidelijke sopraan Brenda Rae. Deze twee Amerikaanse vrouwenstemmen beheersten die zondagmiddag het podium door hun zware rollen perfect voor het voetlicht te brengen.

Met haar mooie volle stem bleek Joyce DiDonato geknipt voor deze rol. Zij beheerste de terrassendynamiek van de barok en kan haar stem kleuren naar believen. Ook zij kon rekenen op een grote ovatie na haar swingende aria “Ogni venti ” aan het einde van het tweede bedrijf. De indrukwekkende  bas Matthew Rose vertolkte de rol van de vermoeid ogende keizer Claudius. De rol van Poppea werd gezongen door de verrukkelijk zingende  Breda Rae. Zij had drie aanbidders: Ottone, Nerone en Claudio en speelde hen tegen elkaar uit om de listen en plannen van Agrippina te ontmaskeren. Ze speelde haar rol vol overtuiging en had met haar versieringen en topnoten geen enkele moeite. Na haar grote aria “Se giunge dispetto” aan het einde van het eerste bedrijf kreeg ze een enorme ovatie.  Alle personages, behalve Ottone hebben een donkere kant. Ze zijn gemeen, hebzuchtig, gretig en gulzig naar macht en verzot op luxe, rijkdom en status.
Mijn bewondering ging uit naar de Engelse countertenor Iestyn Davies als de ambitieuze generaal Ottone. Zijn optreden vond ik een sensatie. Zuiverheid van stem paarde hij soms aan een fantastisch pianissimo daarbij begeleid door enkele blazers. Hij was de enige die sympathie opriep omdat hij omwille van de liefde af wilde zien van de troon. Ook hij kreeg een enorm applaus na zijn vertolkte aria’s.

Regie

Links:Poppea,rechts Agrippina

Centraal stond op het podium een enorm hoge trap met bovenop een gele troon.  Agrippina had de bedoeling  om haar zoon Nerone erop te brengen. Alle intriges en listen om de bestijging van de  troon  waren geconcentreerd rondom dit object.
In het tweede bedrijf verplaatste de handeling zich naar een eigentijdse bar waar een klavecinist  als een barpianist het te veel drinkende gezelschap vermaakte.
Alle protagonisten waren gekleed volgens de hedendaagse mode. Zij speelden vol overgave hun uitgekiende rol dankzij een uitstekende personenregie.
De opera Agrippina is werkelijk een van de hoogtepunten van dit seizoen waarin de Metropolitan Opera weer een belangrijke rol speelt. Niet in het minst vanwege haar potentie om via een straalverbinding miljoenen mensen de gelegenheid te bieden om van belangrijke opera-evenementen te genieten waar zij normaler wijze geen gelegenheid voor hebben.

 

Read Full Post »

 Op zaterdag 29 februari zag ik in de Schouwburg van Tilburg een voorstelling van Opera Melancholica.
Vrijwel onvoorbereid, oei wat slecht, kwam ik al snel tot de conclusie dat ik naar een bijzondere voorstelling keek van het gezelschap OPERA2DAY. Het werd een avond die je de mogelijkheid bood tot zelfconfrontatie om je eigen strijd, om jezelf te kunnen of mogen zijn en je mogelijke onevenwichtigheid tussen gevoel en denken, zo nodig in evenwicht te brengen. Dat is nogal wat. De centrale vraag die daarbij aan de orde is hoe intensief is de impact van je herinneringen uit vervlogen tijd op het hier en nu. Het gaat dan vooral om de verhoudingen binnen de driehoek: denken, voelen en bewustzijn.

Abstracties
Artistiek leider van OPERA2DAY, Serge van Veggel, haalde de ideeën van Freud en de Oosterse filosofie van stal, zodat de personages voor méér komen te staan dan uitsluitend hun fysieke werkelijkheid, namelijk voor abstracte begrippen. Roderick is nu symbool voor het denken; Madeline, zijn tweelingzuster, voor het gevoel; William, zijn vriend die op bezoek komt omdat Roderick depressief is, staat voor het bewustzijn. Het idee van de theatermakers is dat door het maniakale denken het gevoel kan worden verdrongen en dat het bewustzijn dan de zaken weer in balans zou kunnen brengen.
Voordat de opera echt begint zien de toeschouwers acteur Broeders als een laconieke geneesheer-directeur op het podium staan om iedereen welkom te heten in het Anatomisch Theater van de Psyche. Hij nodigt enkele mensen uit het publiek uit om, op basis van door hen ingevulde enquête formulieren, wat te vertellen over hun mooie herinneringen, troostrijke gebeurtenissen uit het verleden of depressies. Een dokter in de zaal verhaalt over mensen die met depressies op haar spreekuur komen. Heel leerzaam.

Roderick en Madeline

Maar dan komt de problematiek heel dichtbij want Opera Melancholica is gebaseerd op een ‘gotisch’ verhaal van de 19e-eeuwse Amerikaanse schrijver Edgar Allan Poe, De val van het Huis Usher. Daarin bezoekt een man, William, een griezelig, door donker water omgeven, oud kasteel, omdat Roderick Usher, een oude studievriend van hem die daar woont, hem te hulp roept. Er gebeuren vervolgens akelige dingen die te maken hebben met de dood van Roderick’s al dan niet imaginaire zuster Madeline.

Philip Glass
In 1988 heeft de Amerikaanse minimal music componist Philip Glass over De Val van het Huis Usher  een korte opera van gemaakt, voor een uit twaalf personen bestaand muziekensemble met muziek die dirigent Carlo Boccadoro hier dramatisch, maar ook heel passend en spannende laat klinken.
Je ondergaat daardoor de opera niet meer alleen als een somber, maar buitengewoon mooi spel in en om een grote, zwarte waterplas, met in het midden een gigantische, doorzichtige schedel (scenografie Herbert Janse). Daarin zetelt het brein van Roderick, die door tenor Santiago Burgi bezeten gestalte krijgt.
William wordt vertolkt door bariton Drew Santini die na enige tijd steeds meer meegaat in de wanen van zijn vriend. Danseres Ellen Landa is een mooie, kwijnende, bijna etherische Madeline (choreografie Ed Wubbe van Scapino). De partij van Madeline wordt achter de schermen woordloos maar wel fraai gezongen, door  sopraan Lucie Chartin.

 Lucide dromen
Melancholie is ons mensen eigen. Het kan ons overkomen. Zwaarmoedigheid en depressies komen relatief veel voor. We kijken dan op een bepaalde manier naar ons bestaan en beseffen onze sterfelijkheid. We koesteren lucide dromen over een betere wereld en over een leven voorbij de dood. Overweldigende vergezichten. Maar voor die idealen betalen we een prijs: de angst en de weemoed als we weer zijn teruggeworpen in de harde realiteit. Als we die terugweg nog kunnen vinden. Wie herkent dit?

Aan het einde van de opera klapt de glazen schedel open en zien we dat daar een klein, onschuldig jongetje in zit, die verbaasd naar zijn zeepbellen kijkt. Alsof hij nog écht zichzelf kan zijn. Hoe echt is dit?

Read Full Post »