Feeds:
Berichten
Reacties

 Zondagmorgen 4 februari 2018 11.00 uur. Op 25 november 2013 zag ik net als vandaag In de Pathé bioscoop de satellietbeelden vanuit de Met van de opera Tosca van Puccini (1858-1924). De regie was van de toen 64 jarige regisseur Luc Bondy. Een storm van kritiek moesten deze Zwitser en zijn assistenten verduren en al direct na de voorstelling kregen zij een enorme kakofonie van boe’s over zich heen. Hoe zou het vandaag gesteld zijn met de regie van Mc Vicar?

Geschiedenis
Om te begrijpen waarom zoveel Met-fans in 2013 zo negatief reageerden moet je de geschiedenis van Tosca in dit operahuis kennen. Een vorige Tosca-productie, van de Italiaanse regisseur Franco Zeffirelli, ging in de Met in 1985 in première en speelde meer dan 20 jaar in New York. Voor de door de wol geverfde New Yorkse operaliefhebbers was deze “Zeffirelli Tosca” bijna onaantastbaar.
Zeffirelli maakte zelf duidelijk wat hij vond van de ontmanteling van zijn geliefde productie ten gunste van een modieuze regisseur. In de New York Times noemde hij Bondy’s benadering  van Puccini’s muziek ‘idioot’ en zijn opvolger een  ‘derde klas regisseur’. Waar zat het grote verschil tussen Zeffirelli’s benadering en die van Bondy? Die van Zeffirelli was een exacte benadering en letterlijke interpretatie van het werk van Puccini.
Bondy’s wilde een oplossing zoeken voor het centrale probleem dat elke regisseur tegenkomt in de Met namelijk de enorme Proscenium-boog voor het toneel van het theater. Bondy plaatste op het podium onder de boog heel veel rekwisieten waardoor zijn zangers er uit zagen als mieren op een gigantisch podium.
Er moest dus anno 2017 weer een nieuwe Tosca komen die conservatieve en innovatieve operaliefhebbers zou verzoenen en tevens recht zou doen aan de talloze minutieuze aanwijzingen van Puccini.

Conservatief
Voor de nieuwe productie van de bekende regisseur David Vicar, was kennelijk een zeer ruim budget beschikbaar. De kostuums zagen er prachtig uit. De drie historische locaties in Rome, waar het drama zich afspeelde: de Sint Andrea Kerk, het Paleis Farnese en de gevangenis Engelenburcht waren stijlvol nagebouwd. Aan het toneelbeeld van de finale van de eerste akte werd veel geld besteed. Een processie met een meegedragen baldakijn, veel priesters en misdienaars met wierook trok door de indrukwekkende kerkruimten. De zang van Scarpia en het koor verhoogde het theatrale effect. Aan deze scène werd 75 procent van het budget besteed. De totale regie van de nieuwe productie van Vicar bleef gericht op het conservatieve publiek van de Met. Tosca anno 2018 zette precies zo de kaarsen naast het lijk van Scarpia zoals Maria Callas dat deed in de jaren vijftig en haar opvolgers later.

Cast
De oorspronkelijk geplande cast was opvallend gewijzigd. Jonas Kaufmann had de Met laten weten dat hij minder wilde zingen in New York vanwege privéomstandigheden. Kristine Opolais en Bryn Terfel bleken evenmin beschikbaar. Dus stonden er drie jongere sterren op het podium in de personen van de   enthousiaste Italiaanse tenor Vittorio Grigolo als Cavaradossi, de Servische bariton Zeljko Lucic als de wrede politierechter Scarpia en de Bulgaarse sopraan Sonya Yoncheva als de operadiva en minnares van Cavaradossi. De drie hoofdrolspelers zongen prima en acteerden met volle overgave al vond ik dat Grigolo en Yoncheva zich soms wel schuldig maakten aan enige overacting. Grigolo kreeg veel applaus voor de met een open stem gezongen aria’s ‘Recondita armonina,’ en zijn aria’ E lucevan le stelle’. In die laatste aria liet hij horen ook over een prachtig pianissimo te beschikken. Het daarop volgende duet met Yoncheva  liet je op de punt van je stoel zitten.

Thriller
De opera speelt zich af rond 1800. Moord, spionage en crimineel gedrag spelen een belangrijke rol. De opera is ook een thriller die het publiek tot de laatste minuut boeit. Daarin speelt de politiechef Scarpia een centrale rol. De eerste schrille tonen van de opera, het Scarpia motief, verwijzen al naar de akelige politiechef Scarpia die slechts twee doelen nastreeft. Het eerste is de ontsnapte politieke gevangenen Angelotti en de kunstschilder Cavaradossi zo spoedig mogelijk aan de galg laten hangen. Het tweede door afpersing de minnares van laatstgenoemde, Floria Tosca, in zijn armen sluiten. Na dat motief weet Puccini zijn toehoorders te boeien met prachtige aria’s en duetten die de romantiek weer doet herleven. Het einde van het werk is heel dramatisch. De operadiva Tosca springt tijdens de laatste noten van de beruchte Engelenburcht in Rome de dood tegemoet. Haar zelfmoord heeft direct te maken met haar naïviteit en goedgelovigheid. Zij laat zich bedriegen door de perverse Scarpia, die niet schroomt  te bekennen dat een gewelddadige verovering van een vrouw hem beter smaakt dan een honingzoete toestemming. Scarpia wendt voor haar gevangen genomen minnaar Cavaradossi te redden op   voorwaarde dat zij zich aan hem geeft. Cavaradossi zal een schijnexecutie ondergaan en met zijn minnares Tosca een vrijgeleide krijgen. Als Scarpia dit document eenmaal getekend heeft vermoordt Tosca haar overweldiger met een gerichte dolkstreek in het hart. In deze uitvoering zelfs met twee steken. Er vloeit veel bloed. Tosca licht Cavaradossi in over hun herwonnen vrijheid nadat een schijnexecutie zal zijn uitgevoerd. Even later blijkt het een werkelijke executie te zijn. Tosca is in de val gelopen van de man die zij om het leven bracht. Haar rest niets anders dan zelfmoord nu de handlangers van Scarpia haar op de hielen zitten.
Zie daar in een notendop het verhaal van een bloedstollende thriller. Je moet er maar de juiste cast voor hebben die de zaal in vuur en vlam kan zetten. De Metropolitan opera is daar zeker in geslaagd.

Nogmaals de cast
Om te beginnen met de titelrol, zoals hiervoor vermeld vertolkt door de Bulgaarse Sonya Yoncheva. Het was haar debuut. Deze dramatische sopraan vertelde blij te zijn met haar rol. Dat was te merken. Ze ging er helemaal in op en zette een zeer sensibele (misschien wel iets te), vurige Tosca op het podium. De vonken spatten er van af. Haar jaloezie kende geen grenzen bij de herkenning van een andere vrouw die door haar minnaar was geschilderd. Dat ging zo ver dat zij van haar vriend meerdere keren eiste dat hij de blauwe ogen van haar imaginaire rivaal zou veranderen in haar zwarte. Vooral in het tweede bedrijf was Yoncheva  geweldig op dreef tijdens haar dialoog met Scarpia. Voor haar aria ‘Vissi d’ arte’ werd ze rijkelijk beloond met applaus. Terzijde: ik vind dat deze aria muzikaal niet past tussen de felle dialogen van Scarpia en Tosca. De handeling wordt te abrupt stil gelegd!
De bariton Zeljko Lucic kwam over als een geperverteerde  politiechef die zijn  ‘ charmes ‘ inzette om de valse avances ten opzichte van Tosca waar te maken. Dat Puccini weigerde om de schurk een mooie aria te gunnen is algemeen bekend. Lucic was een prima Scarpia!
Voor de tenor Vittorio Grigolo was zijn Cavaradossi-rol eveneens een debuut. Het publiek was hem goed gezind. Hij kreeg veel applaus en was een vurige minnaar voor Tosca. De bijrollen werden goed ingevuld. De rol van de koster werd gezongen door Patrick Carfizzi.
Dirigent Emmanuel Villaume en het orkest van de Met kregen na afloop hun verdiende applaus.

Samenvattend: Deze uitvoering van Tosca was uitstekend. Voor zover ik heb kunnen waarnemen zag ik na afloop louter tevreden gezichten.

Advertenties

Wie de opera Thaïs voor het eerst ziet zal ongetwijfeld opkijken wanneer hij in het tweede bedrijf de vioolsolo hoort met het beroemde Méditation. Een stuk dat ook ingezet wordt bij crematies en op plaatsen waar het wegpinken van een traantje volkomen begrijpelijk is.

De opera Thaïs van de Franse componist Jules Massenet (1842-1912) is nou niet direct een spektakelstuk met een spannend verhaal maar is gebaseerd op een libretto van Louis Gallet, waarin de kuise monnik Athanaël er in slaagt om een prostitué in Alexandrië te bekeren tot het Christendom. De vrouw ambieert weliswaar een leven met veel erotische feesten maar komt onder de indruk van de asceet Athanaël die haar een leven aanbiedt dat haar dichter bij God zal brengen. Hij vertelt zijn verhaal erg overtuigend en zegt ook dat hij haar lief heeft maar dan op een ander niveau. Op een geestelijk niveau. Thaïs besluit naar een klooster te gaan en wordt, na begeleid te zijn door Athanaël tijdens een barre voettocht door de woestijn, vriendelijk ontvangen door de zusters.

Geestelijk niveau
De monnik neemt met moeite afscheid van Thaïs: “Ik zal haar nooit meer zien.” Niets is minder waar. Nog tijdens zijn terugkeer naar zijn broeders komt hij tot het besef dat hij van Thaïs houdt en niet alleen op geestelijk niveau. De hartstocht heeft hem gegrepen. Hij wil de vrouw terughalen uit het klooster, maar zij is inmiddels stervende en wanneer hij daar arriveert, heeft zij een visioen dat haar tocht naar de hemel voorspelt. Ze sterft met de wanhopige Athanaël aan haar voeten. Hij bekeerde haar maar kwam te laat tot het inzicht dat geestelijke en lichamelijke liefde kan samengaan.

Het Méditation wordt enkele keren herhaald. Sommigen vinden dat wat sentimenteel, maar de muziek van Massenet is vooral gelardeerd met elegante melodieën die verpakt zijn in een orkestpartij die soms ook aan Richard Wagner doet denken. Muzikaal was er volop te genieten want het Italiaanse duo de sopraan Eva Mei als Thaïs en de bas Michel Pertusi als Athanaël deden waar ze goed in zijn: zingen en acteren.


Ballet
De opera leent zich niet voor hoofdrollen die beweeglijk moeten worden ingevuld. Maar ze biedt een geweldig podium voor de ballerina’s die, topless gekleed, de ene na de andere erotische dans uitvoerden en hun fysieke schoonheid paarden aan een geweldige conditie. De toeschouwers kregen dan ook wat bijzonders te zien op een toneel dat niet gevuld was met grote decors maar wel met een overvloedig rode uitstraling (gordijnen en ander pluche) dat wel de juiste sfeer creëerde.

Van de opera Thaïs, die in première ging in de opera van Parijs op 16 maart 1891, zijn niet veel opnamen bekend en ik kan me niet herinneren dat ik ooit een affiche heb gezien dat operaliefhebbers aanspoorde om dit werk te bezoeken. Thaïs is vooral bekend geworden door het optreden van de Amerikaanse zangeres Mary Garden. Zij was de eerste Thaïs en volgens kenners de beste ooit.

De toeschouwers in CC Jan van Besouw in Goirle waren zeer content over de voorstelling. Ze vergaten even dat ze niet naar een Italiaanse opera zaten te kijken. De uitvoering kwam evenwel uit Teatro La Fenice van Venetië onder leiding van dirigent Marcel Viotti.

 

 

Marina Poplavskaya als Desdemona en Aleksandrs als Otello

Een week geleden voelde ik me al niet lekker. Ik zat te snotteren op de bank maar wilde, hoe paradoxaal dat ook klinkt, toch met tegenzin mijn lievelingsopera Otello van Verdi via de tv zender Mezzo zien.

De uitzending betrof een opname van het operafestival van Salzburg uit 2008. Een verslag maken voor mijn weblog zoals ik gewend ben kwam er deze keer niet van. Ik voelde me steeds minder fit en besluit nu,  zoveel dagen later, er alsnog enkele zinnen aan te wijden. Ik wil het hebben over het feit dat ik de voorstelling ondanks de positieve kritieken elders, toch teleurstellend vond. Ik had steeds het gevoel dat de solisten niet goed in hun vel zaten en dat hun zang en voordracht daaronder leden. Nu besef ik dat dat wellicht een misvatting is, want als er iemand niet goed in zijn vel zat dan was ik dat.

Mijn oordeel over deze Otello is vermoedelijk beïnvloed doordat ik niet topfit naar de voorstelling keek. Ik besef maar al te goed dat je van een kunstwerk pas optimaal geniet wanneer je je goed hebt voorbereid en in goede conditie je focust op het object van je aandacht.

De artistieke leiding in Salzburg had voor de titelrol de Russische heldentenor Aleksandrs Antonenko aangetrokken, Desdemona werd vertolkt door de Russin Marina Poplavskaya en Carlos Alvarez speelde en zong  uitstekend de rol van de duistere, gemene Jago. Kapitein Cassio was de tenor Stephen Costello.

De orkestratie was van het Wiener Philharmonisch orkest onder leiding van maestro Ricardo Muti. Wanneer Muti een Verdi opera dirigeert weet ik dat ik een spannende opera ga zien. Mijn verwachtingen waren dus hoog gespannen en zoals u ziet stonden er bekende namen op het affiche. In de pers was na afloop geen kwaad woord over deze uitvoering te lezen maar ik kon onvoldoende instemmen met de commentaren. Is dat erg? Neen, maar ik wil wel weten waar de verschillen in waardering zitten.

 

Otello bij de stervende Desdemona

De Rus Antonenko wordt beschouwd als de meest voortreffelijke Otello van dit moment maar zijn begrijpelijke woedeaanvallen ten opzichte van Desdemona en de gemene Jago waren soms toch overdreven opvliegend, soms op het hysterische af. Desdemona, alom geprezen om haar voortreffelijke heldere gevoelige zang, miste m.i. de fragiliteit om me te ontroeren en de haar gelegde accenten wilde ik op andere momenten horen. Het gaat hier om nuances, begrijp me goed. Misschien heb ik me onvoldoende geconcentreerd op de details die soms beslissend zijn om een oordeel te geven of je getuige bent van een topproductie of net een niveautje lager. Hoe dan ook na afloop van de voorstelling kon ik een gevoel van teleurstelling niet onderdrukken en gingen mijn gedachten terug naar onvergetelijke voorstellingen met Mario del Monaco, Jon Vickers en Placido Domingo als Otello, Kiri te Kanawa en René Flemming en nog langer geleden Renate Tebaldi als Desdemona. En wie kan de beste Jago aller tijden vergeten in de persoon van Tito Gobbi? Nostalgie? Niet onmogelijk. Ik  houd het er maar op. Zeker weet ik dat je als zanger topfit moet zijn om een uitstekende prestatie neer te zetten. Dat geldt ook voor de luisteraar als hij optimaal wil genieten van bepaalde frases, nuances, dynamiek en acteerprestaties.

Anna Netrebko als Elsa en links Herlitzius als Ortud

Het was een pure verrassing dat ik op woensdagmiddag 3 januari tijdens het zappen op tv de opera Lohengrin op de beeldbuis kreeg. De uitzending betrof een dvd opname uit 2016 van de Semper Oper in Dresden. Van enige toelichting bleef ik verstoken, maar de beelden waren wel voorzien van Nederlandse ondertiteling. Ik heb van deze tv uitzending door Cultura met volle teugen genoten ook al was er tijdens het meer dan vier uur durende spektakel geen pauze moment aangebracht. De tijd vloog niettemin voorbij.  Dat was vooral te danken aan de uitstekende kwaliteit van het orkest en de cast waarover dadelijk meer.

Wie nog eens oude recensies van opnamen van Lohengrin erop naslaat, komt wellicht tot de conclusie dat de uit 1990 stammende opname van Lohengrin, onder leiding van wijlen Claudio Abbado, tot de beste behoorde. Ik ben de laatste jaren onder de indruk geraakt van twee andere uitgaven van deze prachtige opera van Richard Wagner (1813-1881). De eerste is een opname uit 2006 uit het operahuis Baden Baden met in de titelrol Klaus Florian Vogt in een productie van regisseur Nikolaus Lehnhoff onder leiding van Kent Nigano. De tweede betreft een registratie van een uitvoering tijdens een festival in München in 2009 met in de hoofdrollen Jonas Kaufmann en Anja Harteros. De regie was van Richard Jones. Genoemde drie uitvoeringen worden nu naar de kroon gestoken door die van de Semper Oper.

Vastberaden ingreep
De Lohengrin uit Dresden was in zoverre verrassend dat de twee hoofdrolvertolkers zich voordien nog nauwelijks aan het Duitse repertoire waagden. De titelrol nam de Pool Piotr Beckzala voor zijn rekening en Anna Netrebko als Elsa zong haar eerste lyrisch dramatische Wagnerrol. Dat ging beiden bijzonder goed af. Beckzala hield zijn stem aan de lichte kant in tegenstelling tot Kaufmann die over een veel donkerder timbre beschikt, maar minder licht dan Vogt. Beckzala profileerde zich als een Lohengrin die de touwtjes strak in handen hield en vastberaden ingreep wanneer Elsa zich onzeker en twijfelachtig gedroeg in de omgang met het koppel Ortud-Friedrich von Telramond. Zijn expressie en gebarentaal en zang waren steeds in overeenstemming met de beoogde regie van de regisseur. Deze tenor had een elegant, aangenaam geluid. Dat gold ook voor Anna Netrebko die zich als Elsa van Brabant goed in deze rol thuis voelde. Haar Duits was beter dan in een eerder optreden dat ik van haar hoorde en de goede eigenschappen, die een belcantozangeres in de loop van de jaren opdoet, integreerde ze perfect in haar Wagnerrol. Haar volume heeft niet aan kracht ingeboet, zij kan nog steeds heel  zuiver haar hoge noten zingen en ze zeer helder laten klinken maar ze kan ook zo nodig  ‘ dikte ‘ aan haar stem geven. De rol van Elsa leek me haar op het lijf  geschreven. Mede omdat ze in netelige situaties, waarin Ortrud en later ook Friedrich haar bracht, de juiste toon en klankkleur wist te gebruiken.

Georg Zeppenfeld als koning Heinrich en Anna Netrebko

Veel lof gaat uit naar mijn favoriete Wagner-mezzosopraan Evelyn Herlitzius, die de rol van Ortud vertolkte. Nog maar enige maanden geleden zag ik haar als Brünnhilde (sopraanrol) in Der Ring des Nibelungen in Wiesbaden een glansrol spelen en zingen. Nu was zij de duivelse vrouw Ortud, die een kampioen is in het manipuleren van Elsa en van haar echtgenoot Friedrich. Haar duet met Elsa in de 2e acte was een echt hoogtepunt. Evelyn’s enorme volume, haar opzettelijk soms rauwe stemgebruik zette zij op de juiste momenten in. Haar Duitse Sprechgesang en haar overgang naar meer melodieuze delen gingen moeiteloos in elkaar over.  Het tweede bedrijf is voor mij sowieso het hoogtepunt van Lohengrin. Niet alleen vanwege het prachtig gezongen duet tussen Lohengrin en Friedrich (Thomas Konieczny) maar vooral ook vanwege de spannende  dialogen. De protagonisten brengen juist daar hun karakters tot gelding. Daar begint in aanleg het drama waarin de naam en achtergrond van Lohengrin in het geding zijn. Zowel Ortud als Friedrich proberen Elsa zodanig te manipuleren dat zij onzeker wordt in haar trouw aan Lohengrin. Haar trouw verliest ze niet maar haar belofte om nooit naar zijn naam te vragen verbreekt zij in het derde bedrijf. Zij zet daarmee haar geluk op het spel. Lohengrin is genoodzaakt Elsa te verlaten. Ontroerend is zijn aangekondigd afscheid van Elsa met de aria “ In fernem Land” en het daaropvolgende  “Mein lieber Schwan. “

Klankfestijn

Dirigent Christian Thieleman

Het succes van deze uitvoering is beslist niet alleen op naam te schrijven van de vier hoofdrolspelers. De bas Georg Zeppenfeld was een voortreffelijke Koning Heinrich. Het koor van de Saksische Staatsopera zong zeer gedisciplineerd en had een groot aandeel in het succes.

De grootste lof komt wellicht het orkest van de Saksische Staatskapel van Dresden toe onder leiding van een van de belangrijkste hedendaagse Wagnerdirigenten: Christian Thieleman. Deze dirigent zorgde voor een waar klankfestijn van de orkestbegeleiding en gaf mede daardoor de zangers de gelegenheid het beste uit zichzelf te halen.

De regie van Christine Mielitz van deze uitvoering gaat terug tot 1983. Ze plaatste de handeling aan het begin van de 19e eeuw en paste de kostumering daar op aan. De regie zag er traditioneel uit. Opvallend was de opkomst van Lohengrin die arriveerde op een enorm grote glazen zwaan.

Alles bij elkaar ben ik super tevreden met deze uitvoering van Lohengrin die op dvd (DGG) verkrijgbaar is.

 

 

Exclusief diner in een salon

We zijn weer een jaartje verder. Nog steeds ben ik een operafanaat. Toch heb ik soms het gevoel dat mijn interesse voor dit muziekgenre sinds ik met mijn vrouw in de Leyhoeve woon wat is terug gelopen. Niet zo heel dikwijls loop ik naar mijn geluidsinstallatie om een cd of dvd op te zetten en van de radio maak ik nauwelijks gebruik. Wel weet ik op tv zo nu en dan Brava of Mezzo te vinden. Het is Tin ons appartement meestal stil. We houden van de stilte. Volgens mij is het zelfs een voorwaarde om, op de momenten dat je er wel voor kiest om naar muziek te luisteren, bewust en vol overgave van een werk optimaal te kunnen genieten.
Toch klopt mijn gevoel niet, want de cijfers wijzen uit dat ik in 2017 maar liefst 40 opera voorstellingen zag. Mijn statistisch materiaal leert me dat ik het afgelopen jaar 28 opera’s buitenshuis heb gezien en 12 binnenkamers. Mijn weblog komt mij goed van pas. Daar staan inmiddels een kleine 300 verslagen op van voorstellingen die ik gezien heb. Zo kan ik zo nu en dan teruglezen wat ik zag en wat ik er over opgetekend heb en tevens overpeinzen of ik me nog kan vinden in mijn eerdere oordelen. Door de factor tijd neem je immers wat meer afstand van wat je voorheen waarnam. Ook de reacties die ik krijg van enkele van mijn circa 160 volgers vergelijk ik wel mijn eigen denkbeelden. Soms leidt dat tot nieuwe inzichten.
Constateerde ik vorig jaar nog dat een aanzienlijk deel van geïnteresseerden in opera afkerig is van atonale en zogenaamde regieopera’s. Ook dit jaar bleek dat het geval wanneer er wel applaus was voor het muzikale aspect van een opera maar de regisseur uitgeboeht werd. Ook nieuwe of zeldzaam uitgevoerde werken zijn soms bij voorbaat niet welkom bij de “ gemiddelde “ operaliefhebber. Twee recente voorbeelden zijn de door de Metropolitan Opera opgevoerde opera van Thomas Adès  ‘ The Exterminating Angel ‘ en de door slechts drie personen bezochte ‘ Hänsel und Gretel ‘ van Humperdinck in de Pathébioscoop in Tilburg daags voor kerstmis.
Ook zijn veel mensen blijkbaar angstig om naar opera’s te gaan van Richard Wagner en Richard Strauss. Deze worden bestempeld als zwaar. Mensen willen kennelijk gemakkelijk consumeren. Ze vinden het werk van beide componisten niet melodieus en toegangkelijk genoeg. Ik denk dat ze niet dol zijn op  symfonisch getinte opera’s. Te bombastisch is hun oordeel. Vermoedelijk neemt men te weinig tijd om zich voor te bereiden op dit operagenre en haakt men voortijdig af.
Net als eind vorig jaar ging ik deze dagen op zoek naar voorstellingen die me in 2017 hebben gefascineerd. Het viel me daarbij op dat de door mij genomineerde voorstellingen ook bijna altijd verbonden zijn met tenminste één zanger of zangeres die een bijzondere prestatie op de planken zette.

‘ The Exterminating Angel ‘ van Thomas Adès
Laat ik beginnen met de door de Metropolitan Opera opgevoerde voorstelling van de opera ‘ The Exterminating Angel.’ Die gaat over een niet alledaags onderwerp.  Operabezoekers komen na afloop van een voorstelling samen in een groot huis voor een exclusief diner in een salon maar slagen er na de   maaltijd niet in om het pand te verlaten. Er gebeurt daar van alles met vijftien mensen wat voer is voor psychologen. Aan de muziek, die zeer heftig is, en verschillende stijlen vertegenwoordigt, geen echte aria’s kent maar wel sterk is georkestreerd, moest ik wel enige tijd wennen. Toen dat gewenningsproces voorbij was kon ik van de compositie genieten. De opera wordt gekenmerkt door wanhoop en verwarring. Belangrijke solisten waren Audrey Luna, Amanda Echalaz, Sally Matthews en Rod Gilfry.
Het was mooi om mee te maken hoe een moderne componist wist door te dringen tot het repertoire van de Met dat bijna uitsluitend bestaat uit werk gecomponeerd tussen 1600 en 1910.

‘ Norma’ van Vincenzo Bellini
Van de opera Norma van Bellini zag ik ook drie verschillende opnamen. Eén uitvoering was afkomstig van een nog redelijk goede video-opname uit 1978 met Joan Sutherland in de hoofdrol. Het was imponerend om deze diva weer te horen al was ze in dat jaar over haar hoogtepunt heen en was haar

Sondra Radvanovsky

wijze van acteren net als de gehele opname, tamelijk ouderwets. Fantastisch was daarentegen het optreden van de Amerikaanse sopraan Sondra Radvanovsky (1969) als Norma zowel in het Gran Teatre Liceu in Barcelona als in de Metropolitan Opera in New York. Moeiteloos pakte ze tijdens haar lastige aria’s de vele topnoten op zonder er een te missen en ze wisselde die af met een beheerst pianissimo. Haar acteerprestaties waren top. In Barcelona liet zij een autoritaire, trotse en sterke Norma zien. In New York daarentegen een zeer kwetsbare vrouw. Voor beide interpretaties zijn sterke argumenten voorhanden. Voor mij was Sondra Radvanovsky een van de beste sopranen van het jaar 2017. Wereldklasse! Haar prestatie droeg in ruime mate bij aan de twee grandioze voorstellingen van Norma.

‘ Das Rheingold ‘ van Richard Wagner
Het bezoek aan het operatheater in Duisburg was een goede keus van Operaclub Nederland. Het operahuis maakt samen met dat van Düsseldorf deel uit van “ Oper am Rhein “. Een nieuwe creatie van Der Ring des Nibelungen staat op stapel. De eerste opera van het viertal, waaruit de Ring bestaat, is das Rheingold. Ik zag in december een uitstekende voorstelling onder leiding van dirigent Axel Kober. De regie was van Dietrich Hilsdorf. Ook daar was niks mis mee. De opera laat de liefdeloosheid van de goden zien: diefstal, financiële oplichting, afpersing, moord en slavernij. Somberheid troef maar uitdagend genoeg om binnenkort een vervolg van de tetralogie mee te maken met die Walküre. Een aanrader.

‘ Der Ring des Nibelungen’ van Richard Wagner
Prachtig weer in mei veraangenaamde het verblijf in Wiesbaden waar ik met mijn vrouw en een bevriend echtpaar verbleef om te genieten van de vier opera’s van Der Ring des Nibelungen.

Evelyn Herlitzius

Het gaat te ver om hierover binnen deze context uit te weiden maar het waren onvergetelijke voorstellingen waarvan we allen erg hebben genoten. Toch kan ik niet voorbij gaan aan een van mijn favoriete zangeressen, nl. Evelyn Herlitzius. Alleen voor haar zou ik al naar Wiesbaden zijn gereisd. Ik had haar een paar jaar eerder in Essen zien optreden als Isolde in de opera Tristan und Isolde. Ze was in topvorm en in mijn ogen een ideale Wagnervertolkster. In Wiesbaden was zij een fantastische Brünnhilde die in expressie en stemkracht ieder de baas was. En ze bleek opnieuw een ware  voordrachtkunstenares  te zijn.

‘ Salomé ’ van Richard Strauss
In juni hoorde ik op de radio een rechtstreekse uitzending van Salomé van Richard Strauss. De uitvoering was van onze Nationale Opera vanuit het Muziektheater van Amsterdam o.l.v. dirigent Gatti. De regie was van Ivo van Hove. Een paar dagen later werd deze uitvoering uitgezonden op de televisie door Mezzo. Radio- en televisie-uitzending  bleken een uitstekende aanvulling op elkaar te zijn. De titelrol was vergeven aan de Zweedse sopraan Malin Byström. Een goede keuze. Ze zong prachtig, acteerde voortreffelijk en inspireerde andere protagonisten mee te doen aan de sluierdans. Zij won door haar voortreffelijk optreden de Prix d’ Amis van de vrienden van de Nationale Opera.

A.Rachvelishvilli

 ‘De bruid van de Tsaar’ van Rimski Korsakov.
Ik was na afloop van de televisie-uitzending van Mezzo verkocht. De dvd van de opera ‘ De bruid van de Tsaar ‘ van Rimski Korsakov  ga ik bestellen. Prachtige, spannende muziek die ik nog nooit had gehoord  en……een fantastische mezzosopraan die mijn hart stal. Anita Rachvelishvilli heet ze. Een naam die u beslist moet onthouden.

 

‘ Werther‘ van Jules Massenet

J.Kaufman

Weer een opera die je hart sneller doet kloppen. Wel weer een en al treurnis, maar de elegante melodieën van de componist die flirt met Rossini en Wagner staan garant voor een avond die je niet gemakkelijk vergeet. De opera gaat over een onbeantwoorde liefde die eindigt met een zelfmoord door Werther en groot verdriet van Charlotte  op wie hij verliefd was. Jonas Kaufman was een Werther uit duizenden en Sophie Koch zijn uitstekende tegenspeelster.

‘Das Wunder der Heliane‘ van Erich Wolfgang Korngold (1897-1957)
Weer een opera die ik nog nooit eerder zag en die zelden wordt uitgevoerd. De Vlaamse Opera zorgde voor een nieuwe productie. De partituur bevat lastige partijen voor orkest en zangers. Korngolds opera kent verrassende klanken, enkele atonale passages, een reeks dissonanten en veel wisselende toonsoorten. Maar ook een tapijt van zinnelijke akkoorden met een hypnotiserend effect. Een opera die meer dan de moeite waard is maar waar de belangstelling niet groot voor was.
Een werk dat ik graag nog eens zou willen zien.

Operaclub Nederland
Als trouw lid van de Operaclub Nederland bezocht ik enkele bijeenkomsten om de onderlinge band met andere operaliefhebbers te verstevigen en op een daarvan was er een uitstekende presentatie van Wim School. Hij wist zijn toehoorders aan de hand van videobeelden te boeien met een analyse van de opera Das Rheingold en hen mede daardoor voor te bereiden op een bezoek aan een uitvoering van dit werk van Richard Wagner in Duisburg.
Een ander hoogtepunt van de Operaclub was de viering van het 35 jarig jubileum in juni. Met twee volle bussen togen we naar het Koninklijk Concertgebouw in Amsterdam. 40 orkestleden, de Russische sopraan Olga Zinovieva en de Britse bariton Andrew Slater lieten ons onder leiding van showdirigent Pieter Jan Leusink genieten van aria’s en duetten van verschillende componisten.
De feestelijke dag werd afgesloten met een voortreffelijk diner in restaurant Rosarium.

Internationaal Vocalisten Concours
Heerlijk om daar weer bij te zijn. Relatief veel jonge mensen die niet alleen strijden om de geldprijzen maar die vooral willen werken aan hun carrière en hun hart hebben verpand aan opera en oratorium. Zoals altijd was de sfeer prima in het Theater aan de Parade in Den Bosch. En ook de jury bestond weer uit een aantal prominenten die hun sporen hebben verdiend in de toptheaters van de wereld.
Er waren bezoekers zoals ondergetekende, die probeerden te voorspellen wie de toekomstige winnares zou worden. Nou ik zat er behoorlijk naast toen ik de Poolse Kinga Borowska als winnares aanwees. Dat ging niet door want tot winnares werd uitgeroepen de Chinese mezzosopraan Yajie Zhang.

Masterclasses

J.Larmore

Tijdens het IVC werden er ook voor de deelnemers openbare masterclasses gehouden. Die van Jennifer Larmore woonde ik bij. Het was niet alleen heel leerzaam voor de jonge zanger maar ook voor het publiek dat door Larmore werd betrokken bij de lichamelijke ontspanningsoefeningen.
“ Het wordt leuk” voorspelde de geroutineerde Larmore. Dat werd het ook met verbluffende resultaten, want de zangers die zich waagden aan haar instructies bleken na 20 minuten hard werken niet langer een stijve zanger of zangeres te zijn maar mensen die nu wisten hoe zij zich moesten gedragen in hun ruimte op het podium en bovendien leerden zij hoe hun handen te gebruiken tijdens hun voordracht.  Sommigen ondergingen een metamorfose!

Diversiteit opera’s
Zoals hiervoor al vermeld zag ik in 2017 40 opera’s. Dat waren 43% Italiaanse, 28% Duitse, 10% Franse en de overige 19% bestond uit Russische, Tsjechische en Engelse opera’s. Zo op het oog lijkt mijn voorkeur uit te gaan naar Italiaanse opera’s. In ieder geval is dat begrijpelijk omdat daar de wortels van mijn belangstelling voor het fenomeen opera liggen. De koppositie van de Italiaanse opera’ s is ook te danken aan het grotere aanbod van de werken uit het land van belcanto. ‘Opera in Symfonie ‘ bijvoorbeeld programmeerde voor 2018 slechts één werk dat niet van Italiaanse afkomst is. Zelden worden Franse of Russische opera’s gepresenteerd.

Stemproblemen en overlijden
In de operawereld lijkt niet zo heel veel veranderd. Placido Domingo is niet kapot te krijgen. Hij zingt in 2018 de opera Luisa Miller van Verdi. De terugkeer van de tenor Rolando Villazon verloopt moeizaam. Hij regisseerde onlangs met succes een uitvoering van La Traviata van Verdi. Grote rollen in opera’s zijn vermoedelijk vanwege zijn stemproblemen niet meer voor hem weggelegd. Jonas Kaufmann staat na zijn herstel van stemproblemen wel weer op het podium maar besloot om privéredenen het aantal optredens bij de Met te verminderen.

D.Hvorostovsky

De operawereld werd op 22 november opgeschrikt door het overlijden van de Russische bariton Hvorostovski. Hij overleed op 55 jarige leeftijd in Londen. Mijn herinnering aan zijn optreden in 1962 in Tilburg, daags nadat hij het concours ‘The Singer of The world‘ in Cardiff had gewonnen, is me nog steeds dierbaar. Met hem ging in 2017 niet alleen een voortreffelijk zanger verloren maar ook een sterke persoonlijkheid.

 

Nieuwjaar

Proost!

2018 staat voor de deur. Een goede reden om u een gezond nieuwjaar te wensen. Wellicht kan opera daar een rol bij spelen. Ook het bewustzijn over wat zich in de wereld afspeelt is daarbij van belang. Muziek kan ons in ieder geval troost bieden en stimuleren tot nadenken in moeilijke omstandigheden. Ik wens iedereen daarom veel mooie muzikale ervaringen in 2018. Kijk met een frisse, positieve blik de toekomst in. Bedankt voor de aandacht die jullie schonken aan mijn reportages op mijn weblog.

Peter Année

Een tafel met allerlei lekkers

  Zondag voor Kerstmis. 24-12-2017.10.40 uur. Ik loop over het Pieter Vreedeplein in Tilburg. Het is al druk in de stad. Veel mensen lopen te sjouwen met volle tassen op weg naar hun kerstfeest. Anderen zitten in kermisattracties die vanwege de kerst op het plein zijn opgesteld. De mensen hebben het naar hun zin.

Ik loop de Pathébioscoop in. Daar begint om 11.00 een speciaal voor de kerst geplande opera. Een opera die gaat over een arm gezin waar de kinderen honger lijden en hun moeder haar twee kinderen een bos instuurt om voedsel te zoeken. Ik heb het over Hänsel und Gretel van Engelbert Hümperdinck (1854-1921). De componist schreef het werk in 1891 en 1892 en het ging in 1893  op 23 december 1893 in première in het Hofheater in Weimar. Dirigent was  Richard Strauss.
Deze opera is sinds de eerste uitvoering verbonden aan kerstmis en wordt daarom meestal rond Kerstmis veelal uitgevoerd. Ik verwachtte een behoorlijk, publieke belangstelling maar trof tot mijn verbazing slechts twee mensen aan. Het was bizar. Dat had ik nog nooit meegemaakt. Hoewel? Nog niet zo lang geleden werd net als nu een opera vanuit de Metropolitan Opera van New York doorgeseind naar talloze theaters in de wereld. Een opera gecomponeerd in 2016: ‘ The Exterminating Angel ‘ van Thomas Andès. Ook toen trof ik een bijna lege zaal aan. De gedachte dat operapubliek alleen maar belangstelling heeft voor werk dat een zekere bekendheid heeft waarvan men weet dat men zal genieten van toegankelijke bekende melodieën, shockeerde me.
Slagroomtaarten
Dat de opera Hänsel und Gretel enige associatie oproept met allerlei kerstacties waarin mensen worden aangemoedigd om ook armen hulp te bieden is niet zo gek, maar de regisseur in New York maakte het wel heel erg bont door de passage waarin Hänsel en Gretel willen gaan knabbelen aan het huisje van de boze heks te vervangen door een kamer waar op een grote tafel een waar luilekkerland was gecreëerd. Grote slagroomtaarten, cakes en allerlei gerechten lagen voor het grijpen en waren speciaal aan de Met geschonken voor deze opera. De bedoeling was natuurlijk dat Hans en Grietje hun honger met al dat lekkers stilden om vervolgens de oven in te gaan en te veranderen in peperkoek. Door een list van het jonge tweetal ging de “knabbelheks” zelf de oven in. U kent het verhaal van de gebroeders Grimm natuurlijk wel. De aanblik van al het overdreven “ lekkers “ deed me onwillekeurig weer denken aan de kerstfeesten waar overdaad gewoon is en armen te schraal worden bedeeld.

De heks propt wat lekkers in de mond van Gretel

 De opera duurt twee uur en bestaat uit door volksmuziek geïnspireerde mooie, meestal vrolijke melodieën. Met de zang was niets mis. De solisten waren prima: denk aan de bekende namen Alice Coote (uitstekende zangeres en actrice), Christine Schäfer, Rosalind Plowright en Philip Langridge. Dirigent Vladimir Jurowski zorgde voor een uitstekende muzikale orkestratie van een werk dat zeker Wagneriaanse trekjes heeft. Het was heel prettig om deze sprookjesopera, waarvan de opname was gemaakt in 2008, te zien met uitzondering van de scène met die decadente snoeptafel. Maar dat heeft te maken met mijn persoonlijke smaak.

Om 13.00 uur verliet ik de bioscoop. Het was nog drukker in de stad dan twee uur eerder. Ik zag overal mensen, heel veel mensen. Maar in het theater te weinig. Een dergelijke voorstelling liever voortaan op een andere dag!

 

 

Links: Joan Sutherland

De opera Norma van Bellini was voor de jaren veertig decennialang niet op het podium in de grote theaters geweest tot Maria Callas in 1948 in Florence haar opwachting maakte. Zij verraste de operawereld met een uitvoering van de titelrol die een hypnotiserend effect had op de toeschouwers. Ze werd daardoor meteen een nieuwe ster en zou die rol tussen 1948 en 1964 maar liefst 89 keer in theaters over de hele wereld zingen. In haar voetspoor volgden andere grote zangeressen zoals Montserrat Caballé, Christina Deutekom en Joan Sutherland. Vooral de Australische Sutherland maakte in Europa furore. Tussen 1964 en 1985 werden 12 video opnamen van haar Norma gemaakt. Tot voor enkele dagen had ik geen enkele daarvan gezien terwijl ik toch nieuwsgierig was om haar voordracht te vergelijken met Callas, van wie we helaas geen totale registratie hebben op video en met de huidige 48 jarige Amerikaanse topsopraan Sondra Radvanovsky. Van laatste genoemde is een uitmuntende modernere opname in de handel die ik al eerder onder uw aandacht bracht.
Ontroering
Donderdag 21 december 2017 werd een in 1978 gemaakte opname van Norma met Dame Joan Sutherland gepresenteerd door ‘ Opera in Symfonie ‘ in Tilburg Noord.
Het werd een interessante avond vooral nadat de geluidsinstallatie na de pauze wat was bijgesteld en het geluid van deze oude opname meer dan redelijk goed doorkwam. Jammer was dat in 1978 de operadiva al over haar hoogtepunt heen was en haar hoge noten niet meer zo stralend als voorheen klonken. Bovendien bleken haar criticasters gelijk te hebben door haar acteerprestatie doorgaans niet zo hoog aan te slaan. Haar zang ontroerde me echter wel al was zij niet de autoriteit die Norma moet uitstralen zoals ik die voor ogen heb.

De rol van Aldagisa werd uitstekend vertolkt door Margreta Elkins. Zij bleek een mooie, gevoelige mezzosopraan te zijn die de twee lastige grote duetten met haar rivaal Norma zeer goed doorstond. Ronald Stevens geldt niet als de grootste Pollione die ik ooit hoorde, maar het optreden van deze heldentenor was verrassend goed. De bas Clifford Grant als leider van de Galliërs was een solide Oroveso. Dirigent Richard Bonynge, de echtgenoot van Johan Sutherland, leidde zijn orkest met vaste hand.
De regie van Sandro Sequi was zonder meer ouderwets maar daar hadden de vijftig  aanwezigen geen enkele moeite mee.
Nostalgisch
Voor mij was het optreden van Joan Sutherland een nostalgisch moment omdat het me herinnert aan haar optreden in 1978 in de Stadsschouwburg in Amsterdam, waarin ik haar zag optreden in Norma. Gek genoeg weet ik niet meer hoe die uitvoering er uitzag. Wel weet ik dat ik onder de indruk was van haar zang. En ik niet alleen. Zij maakte een verpletterende indruk op het publiek.

In september 1990 beëindigde Joan Sutherland haar carrière na 1750 optredens. Fijn dat ik haar na zoveel jaar weer kon bewonderen in Tilburg Noord.