Feeds:
Berichten
Reacties

De Walkürenrit

De voorlaatste voorstelling van het seizoen 2018-2019, gestraald vanuit de Metropolitan Opera in New York ten behoeve van honderdduizenden bioscoopbezoekers, de tweede opera uit de cyclus Der Ring des Nibelungen, was een groot succes. Ook al hadden slechts een dertigtal Tilburgers de moed opgebracht om het mooie paasweer te laten voor wat het was en zich te laven aan een van de meesterwerken van Richard Wagner (1813-1883).
De Encore op de tweede Paasdag was door de Pathé directie geannuleerd. Jammer voor sommigen die hoopten op een tweede kans.

Maar zij die er op de eerste paasdag wel waren kregen waar voor hun geld. In 2012 was deze productie van Robert Lepage vanuit de Metropolitan opera in New York al te zien geweest. Het is een heel bijzondere. De Canadees brengt een ‘High Tech Traditioneel’ toneelbeeld op het podium met een multifunctionele machine die uit 24 planken bestaat en die in staat is om binnen enkele seconden, met behulp van computers en videoapparatuur, een ander toneelbeeld te tonen. De acteurs gingen er prima mee om al hadden de Walküren tijdens de beroemde Walküren-rit toch de hulp van een aan elk van hen speciaal toegewezen man nodig om ongeschonden vanaf de planken naar beneden te glijden en hun bestemming te bereiken. Even tussendoor: wat zongen en acteerden die dames uitstekend. Dat gold trouwens voor de gehele cast met onze Eva Maria Westbroek in de rol van Sieglinde als uitblinker.

Eva Maria Westbroek

 Sublieme zang van Eva Maria
Zij wisselde met haar sublieme zang de intieme momenten met die van de grotere gebaren perfect af en wist mij daardoor steeds te raken. Haar breed geschouderde tegenspeler, de Australische heldenbariton Stuart Skelton,  vertolkte als Siegmund de door Wotan beoogde held die de ring moet terugveroveren. Hij vormde met de Nederlandse topzangeres een uitstekend liefdespaar dat een stoorzender kende: Hundung, een man met het gedrag  van een barbaar met wie Sieglinde onder dwang was getrouwd. De bas en mimiek van de Oostenrijkse Günther Grossboiks spraken boekdelen.
Het paar Sieglinde en Siegmund heeft een  incestueuze verhouding die door Fricka, de godin van het huwelijk en echtgenote van Wotan, niet kon worden getolereerd en die de mezzosopraan Jamie Barton, voormalig prijswinnares (in 2013) van het prestigieuze Concours Singer of the world in Cardiff, de kans gaf om de strijd aan te gaan met de 62-jarige Amerikaanse bas-bariton Greer

Wotan en echtgenote Fricka

Grimsley die een hele sterke Wotan op het podium zette. Niet alleen vertolkte hij zijn grote monoloog in de tweede acte op indrukkende wijze, maar ook zorgde hij met Christine Goerke als Brünnhilde voor een van de meest ontroerende momenten van deze Walküre toen zij beiden tijdens de finale afscheid van elkaar namen terwijl ze dat eigenlijk niet wilden. Wotan vond dat hij zijn ongehoorzame dochter moest straffen ondanks zijn liefde voor haar en zij was de mening toegedaan dat zij niet ongehoorzaam was maar geluisterd had naar de innerlijke wil van haar vader. De 50-jarige dramatische Amerikaanse sopraan was in dit fragment misschien wel op haar best. En wat een ontroerende muziek waarin de Zwitserse dirigent Philippe Jorden en het orkest van de Met uiteraard een hoofdrol speelden. Dat deden zij trouwens meer dan vier uren achtereen! Een voortreffelijke prestatie!

Advertenties

 De operaliefhebbers in Goirle kwamen op 26 maart 2019 goed gemutst uit het cultureel centrum Jan van Besouw. De laatste maten van de opera L’ Elisir d‘amore klonken nog in hun oren en gaven hen een ‘eind goed al goed gevoel‘ mee. Niemand ging chagrijnig naar huis. Geen wonder, de bezoekers zagen een registratie met mooie aria’s en ensembles, goed in het gehoor liggende melodieën en een vrolijke finale in een herkenbare plattelandse omgeving. De twee gelieven, tenor en sopraan, kregen elkaar en overwonnen de korte intrige van de bariton die traditioneel roet in het eten gooit en aanvankelijk de sopraan tot bruid wilde nemen.

Gaetano Donizetti (1757-1848) componeerde meer dan 70 opera’s: serieuze en ook buffa’s. L’Elisir d‘amore is naast La fille du régiment (1840) en Don Pasquale (1843) een van de meest succesvolle buffa’s. De opera zag het levenslicht in 1832 in Milaan.
De toeschouwers troffen het dat de opname uit 2005 vanuit de Staatsopera van Wenen een voorstelling toonde met een uitstekende cast. De toen nog relatief jonge Anna Netrebko en de veelbelovende, Mexicaanse tenor Rolando Villazon zongen en acteerden dat het een lieve lust was. Ze vertolkten twee pubers op weg naar volwassenheid en speelden de rol van stapelverliefden. Pas in de finale konden zij elkaar langdurig in de armen sluiten. De onzekerheden die bij zo’n puberale verliefdheid horen, boden die twee de kans om de toeschouwers zo nu en dan in extase te brengen. Het publiek in Wenen slaagde er zelfs in om Villazon, door een langdurige ovatie, in de verleiding te brengen om tegen de operatraditie in de beroemde aria ‘Una fortiva lagrima’ te bisseren.

Veranderingen
Sinds dit optreden in Wenen van de twee sterzangers is er met hen veel gebeurd. Rolando Villazon verloor na een groot aantal succesvolle voorstellingen zijn stem. Langdurige behandeling en rust brachten helaas geen herstel. Uiteindelijk bleef voor hem de keus beperkt tot meewerken aan televisieprogramma’s waarin zijn zang niet langer meer kon worden vergeleken met die van Placido Domingo. Ik hoorde hem nog wel een keer zingen in een opera maar de glans was er af. Daarna is de populaire Mexicaan zich gaan toeleggen op het regisseren van opera’s. Ik zal me in ieder geval zijn voortreffelijke optreden als Carlos in Don Carlos bij de Nederlandse Opera op 3 juni 2004 blijven herinneren. En niet minder zijn rol als Alfredo in La Traviata tijdens een productie van Willy Decker waarin hij met Anna Netrebko in 2005 tijdens de Salzburger Festspiele schitterde.

De combinatie Villazon-Netrebko, beiden nu 47 jaar, ging de wereld over als een zeer bijzondere omdat hun toneelspel goed op elkaar was afgestemd. Netrebko zette haar ontwikkeling als operazangeres voort. Ze verloor in de loop der jaren haar zeer jeugdig uiterlijk en waagde zich, na haar niet geringe bijdrage aan belcantorollen, aan zwaardere zoals Aida van Verdi en Elisabeth in de opera Lohengrin van Richard Wagner. Haar wijze van acteren paste ze ook aan in deze nieuwe fase van haar carrière. Netrebko is nog steeds een top-artieste. Ze trouwde in 2015 met de Algerijnse tenor Yusif Evazov en heeft een kind (Tiago Arua) van haar voormalige relatie met de tenor Erwin Schrott.

 Rappende kwakzalver
Terugkomend op de voorstelling van L‘Elisir d’amore: de Italiaanse bariton Leo Nucci paste uitstekend in de rol van sergeant Belcore, die op oubollige wijze leiding geeft aan een peloton soldaten. Hij wist met zijn mimiek en expressie een glimlach op de gezichten van de toeschouwers te toveren.
Bariton Ildebrando D’ Arcangelo vertolkte de ‘rappende’ dokter Dulcamara. Deze kwakzalver had voor ieder pijntje een genezend wondermiddel tegen een aanvaardbare prijs. Het middel werkte zelfs als een liefdeselixir dat de liefdeslust opwekt bij een begeerde partner. Zijn koddig optreden viel heel goed in de smaak. De Italiaan reeg de nootjes lettergreep voor lettergreep snel aan elkaar. Dus dacht Nemorino zijn kans te benutten om met hulp van het elixir zijn begeerde Adina in zijn armen te sluiten.
De sfeer van de opera werd sterk beïnvloed door het optreden van het koor van de Staatsopera van Wenen dat enthousiast en gedisciplineerd zong. Zeker, op het podium ging het er soms nog wel erg statisch aan toe, maar de inzet was hartverwarmend. Vooral de vriendinnen van Adina voelden zich in deze plattelandsopera sterk betrokken bij de liefdesaffaire die zich onder hun ogen afspeelde. Vooral omdat de eenvoudige boerenzoon Nemorino een grote erfenis ontving uit de nalatenschap van zijn oom en het vooruitzicht om met hem gehuwd te zijn hen zeer aantrekkelijk leek.

Gaetano Donizetti

 Italiaanse opera
De componist Donizetti is belangrijk geweest voor de ontwikkeling van de Italiaanse opera. Hij moest met Rossini en Bellini het gat opvullen dat Mozart naliet na zijn dood in 1791. De in 1813 geboren Verdi, die terecht doorgaat voor de belangrijkste Italiaanse componist van de 19e eeuw is door Donizetti ongetwijfeld geïnspireerd tijdens het componeren van zijn eerste, vroege werken. De laatste levensjaren van Donizetti waren niet echt opwekkend. Eerder had hij al zijn jonge vrouw en zijn drie kinderen verloren en zelf kwam hij, nadat zijn verstandelijke vermogens afnamen, in een inrichting terecht waarna hij terugkeerde naar zijn geboortestad Bergamo waar hij in 1848 op 51-jarige leeftijd aan syfilis overleed.

Een hevige aanval op mijn gezondheid belette me om het afgelopen weekend naar de Pathé-bioscoop in Tilburg te gaan. Ik miste daardoor Donizetti’s opera La fille du régiment uitgevoerd door het gezelschap van de Metropolitan Opera van New York. Als ik de recensies moet geloven heb ik een voortreffelijke voorstelling gemist.

Zoals eens eerder, had ik operavriendin Jeanne Smulders in de bios zitten als ‘spion’ om me later te vertellen wat ze er van vond. Ze is geen ervaren journalist, maar een vrouw van 87 jaar die levenslang opera’s bezoekt en zangers bij de vleet kent. Zelfs een fysieke handicap houdt haar niet achter de geraniums. Ik hecht waarde aan haar oordeel en het blijkt dikwijls overeen te komen met het mijne. Natuurlijk kende zij evenals ik de uitvoering van La file du régiment met Natalie Dessay en Juan Diego Florez in de hoofdrollen. Beiden waren we destijds enthousiast over hun optreden. Er was toen sprake van goed acteerwerk, mooie zang, veel humor en een uitstekende rolbezetting.

Mw. Jeanne Smulders

Logisch dat we beiden nieuwsgierig waren naar de productie van Laurent Pelly die nu in de Met in New York wordt gespeeld. Ik ging niet, was te ziek. Jeanne wel. Inmiddels sprak ik haar.
Haar visie luidt: ‘Ik heb enorm genoten van de deze voorstelling. Naar schatting ook de 60 andere mensen in de bioscoopzaal. Alles klopte. De cast was goed gekozen, het orkest onder leiding van dirigent Enrique Mazola speelde de snelle nootjes feilloos en de decors en aankleding bevielen me uitstekend.

Ik weet dat deze voorstelling van Pelly in veel operahuizen is te zien. Zij is populair vooral omdat het de acteurs de mogelijkheid biedt om goed te acteren en hun zangkunsten te etaleren.

De Zuid-Afrikaanse sopraan Pretty Yende beviel me uitstekend. Ze zong haar coloraturen met het grootste gemak en de Mexicaanse tenor Javier Camarena deed niet voor haar onder. Iedereen was benieuwd of hij de negen hoge c ‘s zou kunnen zingen. Het werden er 10 want in strijd met de traditie in de opera wordt een aria zelden gebisseerd. Nu dus wel omdat het publiek dat afdwong. De oogst was groot: een enorm applaus. De rollen van de gravin von Krakenthorp, vertolkt door Kathleen Turner, en de markiezin von Berkenfeld, vertolkt door de excellente Amerikaanse mezzosopraan Stephanie Blythe, kwamen uitstekend uit de verf. De komische Italiaanse bas Maurizio Muraro bleek een uitstekende Sulpice.
Ik besef dat ik een topvoorstelling heb gezien waar ik nog wel eens aan zal terug denken.
Leuk ook dat ik mijn ervaring weer eens onder woorden kon brengen.’

Bedankt voor je medewerking, Jeanne!

 Op woensdag 13 februari 2019 zag ik in het Theater aan de Parade in ’s Hertogenbosch een fantastische voorstelling van de spiksplinternieuwe barokopera ‘Dangerous Liaisons’. Het operagezelschap Opera2Day heeft met behulp van een dertigtal aria’s uit  opera’s van Antonio Vivaldi (1678-1741) laten zien dat een nieuw operaspektakel, waarvan de wortels in de 18e eeuw liggen, de moderne mens nog kan raken. Daarvoor was wel de hulp nodig van de Italiaanse componist Vanni Moretto die nieuwe recitatieven componeerde die perfect aansloten bij de geselecteerde aria’s. Die recitatieven vertellen het verhaal met veel vaart en pit over de decadente adel uit de 18e eeuw die met list en bedrog een spel speelt dat een veelvuldig beroep doet op de libido’s van personages. Vivaldi was een bekende virtuoze violist, componist en priester. Hij heeft meer dan 700 werken op zijn naam staan waarvan 223 vioolconcerten en 47 opera’s. Vivaldi’s muziek was in zijn tijd vernieuwend en opgewekt Het sprak de massa aan en was vooral in Frankrijk erg populair. Hij wordt ook gezien als de voorloper van de componist Johan Sebastiaan Bach. Tegenwoordig worden  zijn opera’s mondjesmaat herontdekt zoals Dorilla in Tempe, Ottone in villla en Orlando furioso.
Vanni Moretti is een barokdirigent die de wetten van de barok kent en in acht neemt. Het libretto is ingewikkeld maar verloopt zoals zo veel libretti uit de baroktijd. Probeer maar eens vat te krijgen op de libretti van de barokopera’s van Georg Friedrich Händel. Iedere protagonist loopt over het podium met een dubbele agenda en amoureuze plannen. Tamelijk ingewikkeld.

 Bachvereniging
Opera2Day had zich verzekerd van de medewerking van de Nederlandse Bachvereniging. Met wie kun je nog beter samen musiceren? Tijdens de muzikale samenwerking met het operagezelschap toont de Bachvereniging zich een flexibel topensemble. Zo komen in deze voorstelling Vivaldi’s meest opwindende aria’s met de recitatieven van Moretto samen tot een nieuw libretto. Een libretto dat ook al tot opwinding leidt door de scandaleuze verhalen die er aan ten grondslag liggen. De roemruchte briefroman van Choderlos de Laclos uit 1782 ‘Les Liaisons Dangereuses’ werd het uitgangspunt van het nieuwe libretto. Het verhaal is uit de eeuw van Vivaldi en tijdloos aansprekend. De donkerste kanten van de mens worden belicht en de intriges van de hoofdpersonen zijn nu nog net zo schokkend als destijds.

Barok
Zo was op donderdag 17 februari 2019 in Den Haag de wereldpremière en gaat de opera het hele land door. En met succes. Ik zie veel jonge mensen die enthousiast zijn over het werk. Geen wonder. Er is ook veel te zien op het aantrekkelijk ingerichte podium waar vooral het spel van de bedienden een belangrijke context biedt voor het spel van de hoofdrolspelers die met hun tamelijk hoge stemmen tevens de sfeer bepalen waarin deze barokopera zich afspeelt. De bedienden spelen een belangrijke rol omdat het veel vertelt over de tijdsgeest waarin de opera speelt. De werknemers volgen klakkeloos de bevelen op van hun meesters en trachten te voldoen aan de grillen waarbij de vrouwen zich dikwijls verkrachting en geweld moesten laten welgevallen. Ze hadden geen rechten en moesten zorgen voor een rimpelloos bestaan van de adel.
Wie van barokmuziek houdt komt tijdens deze opera goed aan zijn trekken. En wie er niet van hield is er misschien wel van gaan houden omdat de Vivaldi aria’s over liefde, wraak en eer een libertijnse slangenkuil vormen die je ook tegenkomt in deze tijd waar de moderne media een forum bieden om zich ook niet onbetuigd te laten gelden.

 Regisseur Van Veggel liet alle decadente verwikkelingen in de finale uitmonden in een opstand van de bedienden, die het zat waren steeds hun meesters knielend van dienst te zijn en zelfs te dienen als menselijke schragen van een taartentafel waarvan slechts door de adel werd gesnoept. Opmerkelijk was ook de expliciete ontmaagdingsscène tussen Cécile (Stefanie True) en de slimme Valmont (Yosemeh Adjei), toegesneden op het ritme van de muziek zonder plat te worden. De kwaliteit van spel, zang en orkestratie zorgden in Den Bosch voor een tevreden volle zaal. Ik kan me niet voorstellen dat het elders anders was of zal zijn.

 

Clementina Margaine als Carmen

Operaliefhebbers willen wel eens graag in debat gaan over de wie de meest populaire opera ooit componeerde.Al spoedig leidt dit tot een gesprek waarbij het nationalisme en de sympathie voor een land de voorkeur bepaalt. Meestal worden opera’s van Duitse, en Italiaanse componisten geprezen om hun ‘volmaaktheid.’ Maar wat is een volmaakte opera?  Soms meet men de populariteit van een opera af aan het aantal bezoekers of de door de commercie verkochte cds en dvd opnamen.
Mij valt op dat de vele affiches op de billboards een opera dikwijls aanprijzen als ‘de meest gespeelde opera van de laatste 25 jaar’. Dat moet dan voor de operaliefhebber voldoende zijn om voor de betreffende voorstelling een ticket aan te schaffen.

Maar vertelt u me eens. Is Carmen een mooiere of betere opera als La Bohème? Een dergelijke vraagstelling betekent niet veel. Toch vinden tal van discussies plaats over dit onderwerp. De opera Carmen, die vorige week in tal van bioscopen werd vertoond in hd kwaliteit kreeg doorgaans uitstekende recensies. Wat lezen we in sommige kranten?
Dat het erop leek dat Wagner gelijk had toen hij de opera Carmen in alle toonaarden prees, Tsjaikowski een enorm succes voorspelde en Brahms verklaarde naar de uiteinden van de aarde te gaan om Bizet te omhelzen. Wordt u daar wijzer van? Belangrijker is: wat vindt u zelf? Wat zijn voor u de criteria om een bepaalde voorstelling te gaan zien?

MeToo problematiek
  In 1884 ging in de Met de première van Carmen voor Amerika van start.  Het werk is vanuit het oogpunt van orkestratie uitstekend zo niet briljant te noemen. Toch wordt door menig operaspecialist beweerd dat de personages in Carmen vanuit dramatisch perspectief onontwikkeld zijn. Daar komt nog bij dat je anno 2019 als producent in staat moet worden geacht om een hedendaagse negentiende -eeuwse plot een hedendaagse culturele relevantie te kunnen geven. Een opera als Carmen zou als centraal thema kunnen uitdragen: de ongelijke behandeling van vrouwen door mannen. Het werk van Bizet leent zich er voor om de relevantie van de MeToo problematiek onder ogen te brengen. Ik heb dat niet kunnen ontdekken in de uitvoering van regisseur Sir Richard Eyre. Ik zag een traditionele uitvoering met veel aandacht voor de dader (Don José) maar ook voor het slachtoffer (Carmen).

De productie van Eyre kwam enkele jaren geleden in laats van de versie van regisseur Franco Zeferelli. Regisseur Paula Williams nam de oorspronkelijke beslissing van Eyre over om een traditionele versie van Bizets werk te produceren.
Terwijl de decorbouwers trachtten om de oude stenen muren van Sevilla zichtbaar te maken zagen de toeschouwers dat de acteurs zich bewogen in kostuums die herinneren aan Franco’s Spanje in de jaren 1930 ten tijde van de Spaanse burgeroorlog. Daardoor kreeg deze overigens goed ogende productie een tamelijk ouderwetse uitstraling.

Bekentenis
Nu moet ik u iets bekennen dat de geloofwaardigheid van mijn recensie aantast. Ik heb door onvoorziene omstandigheden slechts de twee eerste akten van deze uitvoering gezien. Ik zal me dan ook beperken tot het bespreken van de prestatie van de protagonisten tijdens die twee eerste bedrijven.
Ik neem u mee naar het Grand café, waar helaas  de intimiteit ontbrak van een kroegje waar smokkelaars en hun vrouwen onder het genot van een wijntje hun plannen uitbroeden en waar zigeuners bij elkaar komen om de kaart te leggen en spontaan handenklappend de flamenco, met wapperende rokken te dansen. Het zag er in Carmens stamkroeg van Lillas Pastia wel eens gezelliger uit. Niet in de Met dus, want daar stuurde men een gelikte dansgroep het podium op die in de te grote taverne een feilloze flamenco danste. Leuk voor de liefhebbers van ballet, maar ik zie liever vrouwen van smokkelaars die ook nog even voor het nachtelijk uur uit hun dak willen. Jammer!  Het is maar waar je van houdt! Het libretto van Meilhac en Halévy biedt nu eenmaal ruimte tot verschillende interpretaties. De bas Alexander Vinogradov was de fel zingende Stierenvechter Escamillo die met het Toreadorslied geen enkele moeite had en zorgde voor een uitgelaten sfeer op het podium. Het verlegen dorpsmeisje Michaëla werd vertolkt door Aleksandra  Kurak. Zij was een uitstekende muzikale tegenpool van de Carmenfiguur. Zij overhandigde Don José, tijdens haar fraaie lichtvoetige zang, de brief van zijn moeder die haar zoon aanspoort om later Michaëla tot vrouw te nemen.
De titelrol Carmen was weggelegd voor de Franse mezzo-sopraan Clementina Margaine. Ze zong temperamentvol, uitdagend en gebruikte al haar fysieke mogelijkheden om vrijwel iedere man die ze tegenkwam het hoofd op hol te jagen. Een zwoele, onweerstaanbare Séguedille toonde Margaine op haar best, prachtig draaiend door de kronkelende zanglijn.

Carmen en de Toreador Escamillo

Habanera
De opera Carmen is een toegankelijk werk. Het aantal opnamen is talloos. De bekende habanera uit de opera kent vrijwel iedereen en geeft ook de essentie weer van wat de intuïtieve Carmen voelt en  denkt. Ze zingt: ‘L’ amour est un oiseau rebelle’ (De liefde is een rebelse vogel die zich door   niemand laat temmen.) De sensuele Carmen doet wat in haar opkomt, ze neemt een minnaar en dumpt hem snel wanneer het haar goeddunkt. Dat haar relatie met Don José maar kort duurt is onvermijdelijk. De twee karakters passen totaal niet bij elkaar. Zij is een avontuurlijke zigeunerin die met de smokkelaars de bergen in wil en haar vriend maar een watje vindt en zich ergert aan zijn jaloezie. Don José echter is een eenvoudige dorpsjongen  die het in het leger tot korporaal schopt, steunt op de protectie van zijn moeder en terugverlangt naar zijn geboortedorp. Hij valt voor de avances van de criminele Carmen en laat daarvoor zijn jeugdliefde Micaëla schieten. Hij laat Carmen ontsnappen als hij haar op bevel van een officier naar de gevangenis moet brengen en wordt daarom prompt tot soldaat gedegradeerd. Zijn hevige passie voor Carmen, prachtig onderstreept in de aria ‘La fleur que tu m’ avais jeté ‘ in het tweede bedrijf maakt hem tot een onbeheerste moordenaar. De reprise van deze Carmen in de Met was een melancholische voorstelling met mooie beelden en volgens de Franse traditie gelardeerd met enkele dansscènes die bij het publiek in de smaak vielen.
Bizets Carmen lijkt gemakkelijk te zingen door de toegankelijkheid van de melodieën maar de ensembles zijn lastig en regisseur Eyre vraagt soms grote fysieke inspanningen van de protagonisten. Het koor van de Met was weer goed op dreef. De soldaten de meisjes van de sigarettenfabriek wisten elkaar uitstekend te vinden. Opvallend was dat de heren soldaten zich in deze uitvoering zeer handtastelijk gedroegen ten opzichte van de vrouwen. Een MeToo correctie van de legerleiding was wel op haar plaats geweest. Het publiek in de Met was zoals steeds gul met haar applaus. Tot mijn genoegen vernam ik dat de 90 bezoekers in de Pathé bioscoop in Tilburg de afgelopen week tevreden naar huis gingen.

Siegfried en Mime

Zondag 10 februari 2018. Vandaag reis ik met operaclub Nederland naar Duisburg om de derde opera uit Der Ring des Nibelungen in Duisburg te gaan zien.  De operaclub greep de kans aan om haar leden in de gelegenheid te stellen door dit meesterwerk van Richard Wagner in haar reisprogramma op te nemen.  Meestal wordt een complete Ring door de operahuizen, die zo’n omvangrijk werk aan kunnen, binnen één week geprogrammeerd. Het biedt de bezoekers de mogelijkheid om de visie die een regisseur en de dirigent hebben over het werk  in al haar consequenties te overzien. Voordat het zover is worden de vier afzonderlijke opera’s meestal apart gepresenteerd. Men neemt ruim de tijd om met iedere opera goed te kunnen repeteren. Pas veel later worden dan meestal enkele reeksen van een complete Ring uitgevoerd waarop men kan inschrijven.

Het programmeren van Der Ring des Nibelungen is een flinke klus waarvoor de Deutsche Oper am Rhein, met theaters in Duisburg en Düsseldorf, zich hard heeft gemaakt. Om een voorproefje te nemen bezocht ik alvast de drie eerste opera’s te weten Das Rheingold op 2 december 2017, Die Walküre op 24 juni 2018 en Siegfried op 10 februari 2019. Die Götterdämmerung ligt in het verschiet op 12 mei 2019. Men trok dirigent Axel Kober aan en de regie werd in handen gegeven van Dietrich  W. Hilsdorf. Voor de toeschouwers is het niet louter ontspanning omdat bestudering van het ingewikkelde libretto noodzakelijk is om optimaal van het in totaal 16 uur durende werk te kunnen genieten. De operaclub Nederland vroeg lid Wim Schoor enkele inleidingen te houden over de Ring en die vielen in heel goede aarde. Daarbij maakte hij gebruik van beeld en geluidmateriaal van diverse Ringen en putte uit zijn herinneringen aan de vele uitvoeringen die hij voordien al zag.

Zelf zag ik Der Ring des Nibelungen ruim 20 keer waarvan drie keer in Amsterdam. Ik had dus vergelijkingsmateriaal.
Terugkomend op de voorstellingen van Das Rheingold en Die Walküre in Duisburg: Ik was er heel content mee. De regie was duidelijk en rechtlijnig. Er was geen regietheater. De sfeer ademde criminaliteit en bedrog uit van een bedrijf dat geleid wordt met een kapitalistische machtspolitiek.

Muziek
Muzikaal viel er heel wat te beleven. Het orkest speelde krachtig soms wat te hard.  Zoals iemand terecht opmerkte leek het alsof Wagner de gehele partituur had geschreven met het woord ‘forte‘ in de kantlijn. Er was daardoor wat te weinig nuance. Dat was al merkbaar bij de start van de Ring met Das Rheingold bij de 135 openingsmaten, voortvloeiend uit de noot ‘es’, die al heel snel te luid klonken waardoor de ontwikkeling van de schepping, verbeeld door een aanzwellend geluid, niet tot gelding kwam. Soms moesten de zangers, die toch over een stevig volume beschikten, alle zeilen bijzetten om verstaanbaar te blijven. Gelukkig lukte het de meeste zangers wel. Over de protagonisten van de eerste twee eerste opera’s alle lof. Uitschieters naar beneden heb ik toen niet opgemerkt in tegenstelling tot bij de opera Siegfried. De cast telde twee invallers. Men moest dus wel aan elkaar wennen. Wotan in dit geval de Zwerver die over de aarde wandelt, maar dit keer fietste, werd vertolkt door de Koreaan Samuel Youn. De bariton deed het zeker niet onverdienstelijk en paste zich goed aan. Problematisch was de invalbeurt van Lise Lindstrom. Zij moest als

Siegfried en Brünnhilde,

Brünnhilde met de Siegfried vertolker Corby Welch het lange liefdesduet van de slotpassage zingen. Dit duet is een van de hoogtepunten van deze opera dat behalve zangtalent een groot beroep doet op het acteertalent van de protagonisten. Tegenstrijdige gevoelens overvallen Brünnhilde en Siegfried. Siegfried benaderde Brünnhilde in de cockpit van een helikopter waar hij haar slapend aantreft. Wanneer hun onverwachte wederzijdse aantrekkingskracht en angst voor elkaar zich afwisselen en zij zich met hun seksuele gevoelens aanvankelijk geen raad weten, gaat het zangtechnisch helemaal mis. Welch had moeite zijn stem stabiel te houden en Lisa Lindstrom ’s noten klonken schel, de overgangen en uitgangen waren niet mooi afgerond en zij mag blij zijn dat haar laatste hoge noot , hoewel niet fraai, maar toch op de goede hoogte de zaal inging. Of vergis ik me daarin? Wat een ontroerende finale van Siegfried had moeten zijn werd een grote teleurstelling.
Wellicht kan de leiding in Duisburg bij Siegfried beter gebruik maken van de sopraan Heike Wessels die sinds 2012-2013 verbonden is aan de Oper am Rhein. Zij heeft een prettige stem met een behoorlijk volume en kwam uitstekend voor de dag als Brünnhilde in die Walküre toen ze in het derde bedrijf prima tegenspel gaf aan Wotan en zij beiden probeerden hun argumenten kracht bij te zetten over de rechtvaardigheid van de straf die Wotan aan Brünnhilde oplegde.

Humor
Natuurlijk was er over deze Siegfried heus ook veel goeds te vertellen. Met name Mime, vertolkt door Cornel Frey onderscheidde zich door zijn lastige rol goed in te vullen. Hij beschikt  over een indrukwekkende tenor en paart zijn zangkunst aan een goed gevoel voor humor waardoor deze opera ook de nodige luchtigheid kreeg.
Ook Stefan Heidemann als Alberich kon net als in Das Rheingold terugzien op een uitstekend optreden. De Poolse bas Lucas Konieczny in Das Rheingold als de reus Faffner, in Siegfried als de draak en in Die Walküre als Hundung voldeed aan de verwachtingen.

Regie
Over de regie werd na afloop door de bezoekers nauwelijks gediscussieerd. Siegfried moest de getransformeerde Fafner in zijn hol doden. De voormalige reus bewaakte daar als een ware kapitalist zijn schat (Ring en Tarnhelm). Zijn hol bestond uit een locomotief waar Siegfried met zijn zwaard met grote precisie door heen stootte om Fafner om het leven te brengen. Net zoals de helikopter, waarbij de finale van de opera zich afspeelde, stonden beide voertuigen symbool voor de kapitalistische industrie.

Beeld uit Die Walküre

Merkwaardig was dat de mensen die de opera Walküre in juni 2018 zagen zich niet meer de scène konden herinneren waarin een helikopter ook een rol speelde.
Het laatste bedrijf startte toen heel verrassend. Het doek was nog dicht. Een helikopter leek door het enorme geproduceerde geluid een meter boven het operagebouw te vliegen. Toen het gordijn open ging stond er een toestel op het podium. Daaruit stapten de gevallen helden die door de wensmeisjes (de Walküren) vriendelijk werden ontvangen. Dat gebeurde allemaal onder de tonen van de Walkürenrit

Hoe kun je een dergelijke scène vergeten? Liever waren de bezoekers de slotpassage van Siegfried snel vergeten. Een kwelling voor het oor!

Dirigent Axel Kober incasseerde terecht het applaus dat bestemd was voor het orkest.

Lucia en Edgardo

Op dinsdag  28 januari 2019 was de theaterzaal  in het Cultureel Centrum Jan van Besouw van Goirle weer goed gevuld. Circa 110 toeschouwers gingen ’s avonds om 22.00 uur zeer tevreden naar huis. Zelfs een spontaan slotapplaus klonk na vertoning van de opera beelden.

De keuze was dit keer gevallen op één van de grootste klassiekers uit het repertoire van Gaetano Donizetti (1796-1848) Lucia di Lammermoor. De première in 1835 was in Napels. De Franse versie in Parijs in 1839. Het libretto is van Salvatore  Cammarano naar de roman ‘The bride of Lammermoor‘ van Sir Walter Scott.

Waanzinaria
De aandacht ging vooral uit naar het sextet in het tweede bedrijf en naar de beroemde waanzinaria van deze opera. Die hoorde ik voor het eerst toen ik een jaar of 17-18 was, op een 78 toerenplaat, gezongen door de fameuze Amerikaanse coloratuursopraan Lina Pagliughi (1907-1980). Ik gaf me onmiddellijk gewonnen als enthousiast beginnend operafanaat. Een week later luisterde ik naar een operaprogramma van de Franstalige Belgische radiozender. Als door de bliksem getroffen bleef ik roerloos op mijn stoel zitten. Ik wist niet wat ik hoorde. Opnieuw

Maria Callas

hoorde ik de waanzinaria, voor mij toen het toppunt van belcanto, maar nu gezongen door Maria Callas. Haar zang raakte me in hart en ziel. Niet alleen door de kracht van haar stem maar vooral door de dramatiek en interpretatie die de Griekse zangeres in deze aria legde. Lucia di Lammermoor werd vooral daardoor in mijn jeugdjaren mijn favoriete opera. Dit dramatische werk bevat behalve die waanzinaria, prachtige melodische vondsten die al snel je hart raken. Veel zangeressen namen sindsdien de rol van Lucia op maar hoe je er ook over denkt: één van de vele opnamen met Maria Callas zou je in je bezit moeten hebben. Liefst de studio-opname uit 1954 met Giuseppe Di Stefano en Tito Gobbi onder de fantastische dirigent Tulio Serafin of de live-opname uit 1955 in Berlijn onder Herbert von Karajan. Kijk maar eens op YouTube!

Standaard
U zult begrijpen dat Maria Callas voor mij jarenlang de standaard werd en dat ik niet kan nalaten om iedere protagonist die de rol van Lucia zingt te vergelijken met Maria Callas. Dat deed ik dus ook toen ik in Goirle de Russische sopraan Anna Netrebko op een 10 jaar geleden opgenomen dvd registratie in de Metropolitan Opera in New York een fantastische en geloofwaardige Lucia hoorde en zag neerzetten. Wie van beide sopranen mijn voorkeur heeft is moeilijk te zeggen. Van Callas is bekend dat zij een van de eerste zangeressen was die de Luciarol donkerder kleurde dan haar collegae, die ook wel de kanariepieten werden genoemd. Sinds Netrebko haar tonen donkerder kleurde is zij in dramatisch opzicht volwassener geworden. Met haar waanzinaria oogstte ze terecht veel applaus. Ze mistte werkelijk geen enkele hoge noot. Met de krachtige, lyrische tenor tenor Piotr Beckzala had ze het overigens getroffen. Hij was haar warmbloedige minnaar Edgardo di   Ravenswood. Vooral in het laatste bedrijf ontroerde hij met zijn twee aria’s ‘Fra poco a me ricovero’ en ‘Tu che a Dio spiegasti l’ali’ Ook het acteren van Beckzala was prima. De Britse lichte tenor Colin Lee zong de rol van Lord Arturo Bucklaw. Hij had geen aangename rol als beoogd bruidegom van Lucia maar wat hij liet horen was prima in orde. De Poolse bariton Mariusz Kwiecien nam de rol van de broer van Lucia, de duivelse Lord Enrico Ashton voor zijn rekening. Hij was er de oorzaak van dat de relatie tussen zijn zus Lucia en Edgardo door politieke verwikkelingen en een vervalste brief van Edgardo spaak liep.

Het koor en orkest stond onder leiding van Marco Armiliato. De DVD opname stamde uit 2009. Daar was niets mis mee. Voor het publiek was alles goed herkenbaar. Het publiek vond de muziek prachtig en heeft genoten van echte belcantomuziek verpakt in aria’s, duetten en een schitterend sextet in het tweede bedrijf. Men vond het deel na pauze zeer dramatisch met de moord van Lucia op Arturo, de dood van Lucia en de zelfmoord van Edgardo. Het vormde geen belemmering om van deze opera ten volle te genieten.  Integendeel!